DUTCH We zijn rechtsaf geslagen!

Een dag van te voren had ik van een oude chipzak een nieuw lokaas gemaakt. Was er best trots op. Met een klein loodje, 2 blinkertjes en 2 grote haken had ik iets geknutseld dat door her water trekkend redelijk uit zag als een interessant vis achtig ding. En nu ratelde de hengel als jewelste. De vorige dag toen het net donker was hadden we ook al beet. Beide met onze hoofdlamp op in het pikkedonker voelde we ons net deadliest catch. 20 minuten lang bleef ik de vis uit proberen te putten maar ik had nog. Ons ingehaald toen ik opeens een schrokje voelde en daarna geen getrek neer. Ik was hem kwijt. Gelukkig maar blijkt achteraf.

Terwijl de de molen ratelt haak ik mezelf in naast de hengel. Suus haalt de andere lijn binnen om ze niet in elkaar te laten komen. De hele nacht en dag heb ik al over technieken nagedacht hoe ik de volgende keer het niet ga verliezen. Meer lijn geven, hij moet uitgeput raken, de lijn mag nooit slap komen te staan, moeten we de boot wel of niet af remmen? Heb ik wel genoeg lijn op de molen… “ahhh Let’s do it.” Ik pak de hengel uit de standaard en voel direct een aanval. Wat een kracht zeg. Dit moet echt een beest van 2 meter zijn. Een half uur later zie ik een groen blauwe gloed door het water gaan. Dat is een heel stuk kleiner dan 2 meter lach ik mezelf uit voordat hij weer onder duikt en een volgende reeks aanvallen plaatst. Steeds als ik een klein beetje mag indraaien gaat hij weer tekeer en moet ik het dubbelen laten gaan. Na 45 minuten krijg ik de kans steeds wat op te draaien en krijgen we hem te zien. Het is een Mahi Mahi! Al jaren zie ik foto’s van mensen die dit vreemde
maar prachtige beest vangen onderweg. En nu zijn wij er ook zo dichtbij. Nog een klein stukje.

Uitgeput zit ik in de kuip. Het is naar goed dat jet gevecht gister niet op het dek eindigde in het pikkedonker. Het hele dek is nu weer schoon, we hebben zelf ook gedoucht en de mahi mahi ligt gefileerd in de koelkast. We did it! Het voelt mannelijk en goed om te weten wat je eet. Maar tegelijk voel ik me erg ongemakkelijk. Zelf een vis vangen en in filet omtoveren is wat anders dan bij de Albert Hein een visje kopen. Als de vis dood is heb ik er geen moeite meer mee maar als het moment is gekomen dat hij op de boot ligt ben ik misselijk en moet ik mezelf er echt toe zetten. Op deze reis geven we de vis een naam. Als we eten bedanken we Frits. Nu ik er over na denk hebben de makrelen in het Kanaal ook Frits geheten. De naam maakt eigenlijk niet uit. Het voelt goed om Frits te bedanken.

We zijn inmiddels bijna halverwege. Vanmiddag veranderden we de koers meer naar het westen. We koersen nu recht op Barbados af. We varen met de noordoost passaat richtong de overkant. Deze noordoost passaat waait onder 20 graden latitude het meest stabiel. Daarboven liggen veel windstiltes en daarom hebben we eerst koers gezet naar het zuid westen. Door een aantal depressies in het noorden van de Atlantische Oceaan liggen de windstilte afgelopen tijd nog iets zuidelijker dan normaal. Maar nu lijkt het licht op groen om rechts af te slaan en een goede koers uit te zetten naar Barbados. Op naar witte stranden, palmbomen en prachtige ankerplekken. Nog 2880 kilometer te gaan.

Sent from Iridium Mail & Web.

Stranger Things at Sea

Stranger Things at Sea: absolute nothingness

You’ve seen it in films. The Matrix, or Black Mirror, or Stranger Things. The main character stands in a place of absolute nothingness. The Other Side. The Upside Down. I really do not remember all of those names, but the feeling and image is pretty much the same. And it is exactly what I’m experiencing right now at my night shift. We are about 1/3 on our ocean crossing. It’s a very dark night, there’s no moon and clouds cover the stars. The wind just went down to a small breeze, the waves are hill-like: soft and gloomy. We fastnened the sails so they don’t bang or flap. The boat is rocking and slowly moving at a steady pace. The gps shows a forward motion, but all I feel is us tumbling around in the black nothingness. It’s not scary at all, funny enough. You don’t see anything, so nothing triggers you’re fear. It really is a weird experience. When I look in the water, I see small alges lighting up when the boat movement hits them. Leaving them behind is the only reference of speed. The boat is fully glued to the ocean, like movements through oil. You don’t hear blobs or other water movements, no water smashing against the hull. No sizzling waves braking. Just only motions in the dark void. You know it will change. But for a moment, it feels like there is no time. It was really a spacy, maybe almost a womb-like experience!

Suus

ps. The photo attached shows actually a ‘big’ moon on a very bright night! It’s still the best image to visually describe my experience and to show a bit of the darkness 🙂

Daily Life aboard: what do we do all day?!

Daily Life aboard: what do we do all day?!

When you ever have been on a verrrry long flight, you must have felt the unbearable impatience at a certain point, right? I do, at least. Any flight over 10 hours is just annoying to me. So… when we discussed to cross the ocean, which means 25 days and nights of traveling, I was kinda unsure if that would be for me. Is it doable? Well, let me share a bit of our daily things so you decide for yourself 😉 As for me: I do not have a choice atm, so… no, just kidding, I really enjoy it (most of the time!). The hours are just an indication, in reality, this varies a lot. But we try to have some schedule, this just feels good. The chill-time feels more rewarding this way.

• 09.00h: We have breakfast when we finish our night shifts. Making coffee, sometimes with fresh bread, or oats, or yoghurt. Doing a bit of tidying: making the bed, organizing the cockpit
• 10.00h: We take an extra nap when needed, sometimes we didn’t sleep well and we aim to make up for it during the day.
• 11.00h: Doing some boatwork! Such as: Checking all veggies and fruits to see if anything goes bad and needs to be eaten first, Fix something that broke (Jur has been very busy with the AIS antenna), Cleaning the boat, both inside and outside. Everything gets really salty, and we like to keep the cockpit as salt-free as possible since it is annoying to have salt all over yourself. Salt attracts water, so you become a sponge if you don’t watch out ;). Spotting other boats (only 2 so far) and have a little chat about the weather, Downloading the weather and determining the route, Mailing with our shore-peeps, Doing the dishes, Daily checks on the condition of crucial boat parts to spot wear and tear early on (such a long journey affects all materials heavily). Cleaning the solar panels to get the max amount of energy, Making yoghurt and bread, …. Plenty to do! We hope to add ‘catching and prepping fish’ soon, because so far: no luck.
• 13.00h: Fun time! Reading on our ereaders, Annoying each other (yeah that happens too), Writing blogs, Doing some freelance work if the sea is calm enough, Playing a game (haven’t done that before), A short workout, a little dance-off, reading through all the lovely cards from our farewell party, just staring over the water.
• 16.00h: waiting for the dolphins, sometimes a 0.0% beer when we feel like celebrating our progress, and making dinner! Yesterday, we had the most amazing dolphin show ever. It went on for about 3 hours, there were hundreds of dolphins all around us. They did all kinds of crazy jumps, some jumped as high as 4m. Backflips, “bommetjes” (Dutch), just crazy. We took a million photos to catch this moment, but no luck, they are pretty camera-shy (or we are just really bad photographers).
• 17.00h: dinner! Mostly one-pot meals, however, during calmer days, we even had dinner at the table with multiple dishes.
• 18.00h: Doing the dishes, securing everything for the night. Having a hot drink together, discussing the day. We realised that this ‘sit together and talk’ time is important, because days can just fly by without really connecting to one another. Can you imagine that, while you’re together on a boat?
• 19.00h: time for our night shifts! We take shifts of 3 hours. Jur starts, I go to bed first and take over at 22h. Etc. This way, we both get at least 6h of sleep. Both of us have trouble sleeping on the first shift. Your mind is still going crazy and you ‘see ghosts’. We frequently ask the person that keeps the watch: “is everything all right?”. I often have crazy dreams during this first sleep. I have asked Jur about whether he sees that ship without lights that’s in front of us, or whether he has seen that thing that is dangling on the boom. The mind is still so busy! On the second sleep, we both sleep so much better.
• All day long, we write our progress in our logbook. We note time, position, speed, course, the barometer pressure and any particularities. We adjust sails all day as well, we prefer to do so during daytime. If we need to adjust something at night, we put on our deck lights, so we have the best possible view.
With all of our activities, we have to follow the weather and movement of the boat. They dictate what is possible and what is not. Due to the heavy weather, we couldn’t take a proper outdoor shower. That just has to wait then. Same goes for bread baking: when the sea is too heavy, it has to wait. We learn to deal with whatever is coming your way.

Almost at 1/3 of our crossing! What an adventure. Thanks for following along!

Suus

Sent from Iridium Mail & Web.

“Passaatwind rechtsaf” DUTCH

De dagen smelten aan elkaar. “Kwam de wind nou gisterochtend of de ochtend daarvoor?” Ons logboek geeft nog een structuur maar de tijd zelf gebruiken we alleen om te vergelijken met de windvoorspelling. De M, T, W van Monday, Tuesday en Wednesday op de windvoorspelling is de enige reden waarom we soms nog weten welke dag het is. Dag 8 geeft het logboek aan. We varen “langs Kaap Verdie” en slaan op dit moment denkbeeldige rechtsaf. Nu varen we echt de oceaan over. Tot nu koersten we zuidelijk om de passaatwind op te pikken. In de boeken wordt aangeraden om zuidelijker te gaan dan de 20 graden noorderbreedte. Aangezien de voorspellingen er op lijken dat de Passaat zuidelijker beter en stabieler staat komende weken en op 20 graden veel windstiltes zullen zijn, varen we zelfs richting 17 a 16 noorderbreedte. Meer zuidelijk dus.

Een bordje met “Passaat rechtsaf over 100 mijl” zien we in onze gedachten passeren. We verwachten na alle verhalen bijna een voelbare bump als we zouden inchecken in de passaat wind. We hebben nu al 3 dagen goeie stabiele wind. We maken goed vaart maar hij verschilt wel erg in snelheid en vergt veel zeilaanpassingen. Zouden we nu al op de passaat wind zitten? Tot nu toe zijn de golfen erg onrustig geweest, vannacht waren ze wel 4 meter hoog. Zonder zicht vanwege geen maan kwamen de klappen elke keer weer enorm onverwacht. Het lukte mij alleen om een podcast te luisteren, lezen en filmpjes kijken lukte niet doordat ik continue bezig was om te battlen tegen omvallen. Elke klap die je krijgt schrik je daarnaast toch van en kijk je op. Een podcast luisteren en rustig voor je uit kijken geeft dan meer rust.

Mijn zelfgemaakte aasje had vannacht beet. Maar na een korte “trrrrrrrt” hield hij al snel op. Toen Suus hem ophaalde zaten er 2 zuignapjes op. Zouden we nou met 6.5 knoop een inktvis beet hebben gehad?

> J

Sent from Iridium Mail & Web.

Migrant boat confrontation: we live to sail, they sail to live

Migrant boat confrontation: we live to sail, they sail to live

“Panpan, Panpan, Panpan. This is the coastguard with a general safety message. Please look out for a ship with migrants, heading from Africa to The Canary Islands. ETA 16.00h at Arrecife, Lanzarote.”

All day long, this message is being broadcasted on the emergency VHF channel 16. As time passes by, we hear more and more information being shared. The ship is either 400m long, or it has 400 people on board.. that we couldn’t quite understand.

I plot the coordinates on our map and conclude: that’s really close by! We sailed that trip just recently… The coastguard mentioned that this boat comes from Rabat, Morocco, which we’ve left just a few weeks ago… We both are shocked by this realization.

Back in the Channel between The Netherlands and England, we heart a similar message of a migrants ship. The feeling of ‘it’s everywhere’ starts to grow within me.

I find it so bizarre and shocking, it really gets to me. How desperate one must be to put your life in the hands of a smuggler, to have absolutely no idea where you end up or if you even survive. I’ve had some pretty bad seasickness episodes, and I can’t wrap my head around how horrible it would be for those people migrating over sea… most of them probably never went on a boat before. They lack food, water, suitable clothing, medicine, sunblock…

We live to sail, they sail to live…

Whát can we do? Would my help make a difference? I guess if we would actually ran into them, we could only host a few of them on board, and then what? They might be sick, traumatized, hurt… where should we take them? Probably to the nearest coast.

A few weeks ago, I read the book Grand Hotel Europa, by Ilja Leonard Pfeijffer. The writer compares the refugee crisis to other human crisises that we had. He writes about the cruelty of Europe: letting migrants drown in our own backyard. Offering very little help to the European islands that are the preferred landfall spots. People migrate as long as we walk around on earth. Who are we to determine where one would be allowed to live? Wouldn’t you leave if you had a very shitty life, if you couldn’t provide for your family, if healthcare was extremely poor… And by the way: haven’t we all migrated at least once in our lives when we moved to another house? On a microlevel, we all search for the best possible life and try to create a nice environment for ourselves. On a macrolevel: people have migrated all across the earth ever since humanity was present.

Pfeijffer hares some interesting thoughts that helped me in wrapping my mind around this topic:
– Migrants can actually contribute a lot to ‘dead European cities’, such as Venice. This city, like many others in Europe, has become a museum, fully flooded by tourists. It would bring an economic diversity, and this would replace the touristic monoculture which nobody likes.
Taking this thought one step further, Pfeijffer claims that migrants are the salvation of a Europe that is becoming nothing more than a fancy museum to the entire world. All it has to offer is it’s history. The technological and economical prosperity are found in other parts of the world, Europe’s role is becoming smaller and smaller.
– Interesting paradox: everybody is willing to help someone in need. But all of us get pretty scared when there are thousands of needy persons knocking on our door. We need to keep our eyes open to see migrants as likeminded humans, not as a collective threat.
– There is no such thing as a ‘threat to our culture’, since cultures are made of diversity of people. Cultures are always evolving.
– War is just as threatening as poverty for the wellbeing of people. Why do we only allow and care for war victims?
– Hopefully, we’ve learned by now (with reference to recent wars) that there is no superiority between certain groups of people. If we strive for equality, we should allow people to live where ever they’d like. If the argument of ‘not enough space and/or resources’ is mentioned, we should go back to the fact that Europe needs young and healthy people in order to continue the society due to the lack of children that are born.

I could cite the entire book here, it has so many interesting insights. If the topic interest you, I really recommend reading this book. It’s also beautifully written and has an interesting storyline. It’s not all gloom and doom 😉

So what can we do… I really do not have the answer. I guess starting with awareness is important. Challenge my own thinking. I try to keep my eyes open to this problem in stead of looking the other way… that’s pretty challenging already. Acknoledging that this feeling of fear and being overwhelmed is normal, since the problem feels so big and impossible to tackle. Focussing on the individual stories of people, realizing that we are all equal and trying to make the most of our lives.

Suus

Sent from Iridium Mail & Web.

No wind: frustrating or relaxed?

Moving from right to left. Everything in the boat moves with the motion of the sea. The sails are flapping and when Suus wakes up we drop the mainsail. There is no wind and with no pressure in the sail, ir is making many noises and bangs from left to right. We have a “bulletalie” (best sail word ever) that stops the boom from moving but the sail itself slams from left to right. Not good for our mood, and especially creates more wear and tear to sail, boom and mast. After an hour we are not even moving anymore. The current is moving us 0.7 knots in the right direction. The discussion wether to motor or not is quickly concluded in an unanimous no. The waves are ok ish. And we do not see a option to motor for a couple or hours to find the wind. The wind is gone in a large area. We will sit it out.

The weather is great and we have to set up our sun blocker. We have made a squared textile with elastic bands which we can hang up where we like. It works perfect and we can relaxt a bit. A weird feeling since we are not moving but it is working… we do relax. Unfortunately Suus her migraine is not gone yet, after breakfast she dives in bed for some hours.

Just 30 minutes ago the wind picked up a bit and we hoisted the main. We are. Moving with 3 knots which is still really slow but with pressure in both sails we are rolling a lot less. The gives are good and it is beautiful here!

Suus is now showering with a bucket on the deck and I will follow her lead after posting this blog.

We are sailing again! The speeds already goes up to 4 knots while I am finishing this writing!

Sent from Iridium Mail & Web.

Gratefull

Quicky it shoots towards us. Strong small lights with an arrow of glowing water following the dark head. The light is playing in the water. With a sound, water is blown out of the surface. An cheecky sound resonates true the steel hull of the boat. Dolphins are playing wih the boat and their swimming, lights up algaes. You see them swimming towards us in a quick movement. At the same time I see a falling star with a green tail in the sky. Amazingly beautiful to see. But so quickly that you always wonder; “Did I really see this?”

Trying to follow the dolphin-rockets I am listening to a podcast about farewell. “My mom asked me what time it was. I answer, four ‘o clock. In about 15 minutes the doctor will come to inject the fluid. At the same time my mom’s face changes. Her eyes are showing a deep sadness and emotion. It is the first time I understand: It is not only me going to miss my mom. But she will loose and miss everything.”…

The presenter tells this story and I am crying together with him. His story makes me realise how lucky I am. Being able to start such an endeavour together with Suus. This trip gives me a course in enjoying small things, the falling star, not even 1 second of light in the sky. A small line. Dolphins that light up the water. But also Suus making breakfast, a cold beer and yes. This passage also new clean underwear ;).

At the same time I feel selfish. For people back home, our trip can sometimes be hard to understand, emotional and scary. I am crying because I am scared losing my family and friends. Just like the presenter lost his mom. But by crossing an ocean, we scare family and friends, Isn’t that selfish? I know what a boring and shitty friend I have been the last 1.5 years, spending all my time with Yndeleau. To prepare her together with Suus to even spent more time away from family and friends. But every single person gave us this opportunity by supporting us. So many people helped us to be able to cross this ocean. With work on the boat, with supporting words or just being themselves. And while I am watching the dolphins I feel immensely grateful. I am gratefull that we are allowed to be a little bit selfish.

Sent from Iridium Mail & Web.

Fish? Wait. No fish…

“Trrrrrrrr. Rrrrrrr.” The fishing rod almost produces smoke. When Suus rushes towards it, it stops as sudden as it appeared. A disappointed and grumpy “mmmm” sounds from outside while I am finishing my quick stop at the toilet. We apparently lost the fish, and it even gets worser. “Oh, no. It feels like there is no lure anymore, hun.” The only, squid like, lucky lure we brought. We couldn’t find them in Tenerife. The time that the rod is almost wheeled in, it is clear, we have to find a new lucky type of lure…

First nights are always heavy for us. We do not get enough sleep and last night we had to do a sail alternation every shift change. Suus starts sleeping 3 hours around 20:00, then I sleep 3 hours and continue doing that for 2 shift each. We are always trying to wait until a shift change to do big sail setup alternations if possible. We once had to decrease the mainsail, put the genua (front sail) on the other side and the mainsail needed a side change as well. In pitch dark these manouvres always take more time and energy. Especially when you just wake up or about to enjoy a nice sleep. We have to get used to working together smoothly again and that creates some friction.

A good evaluation during a cup of coffee this morning created the great atmosphere that we have the whole day. No fish biting in the new lure but lots of reading, listening to podcasts, dancing, enjoying the sun, and contemplating. More on that later ;).

130 miles done, 2870 to go!

J

Sent from Iridium Mail & Web.

Sweaty palms… left and turned back around

Well hi there! Our first official blog post from sea, aka our message in a bottle to you.

This morning, we woke up very relaxed. We had never been so chill before a passage, let alone this BIG passage! Sun’s out, lovely weather, only some small tours to do, tidy up and get some fresh baguettes and the national flag of Barbados. Around 12, we felt more than ready and untided the lines while waving to all the people that had no idea what we were up to. We just made them our imaginary farewell crowd. After 5 minutes , just outside of the marina, Jurre heart a strange beep. It came from the engine room. Oh my. One look on the newly installed temperature sensor already showed the problem: the engine was over 100C and therefore the newly installed alarm went off. Both were functioning correctly, so that’s something at least. We turned around immediately, hearts racing, and docked again. Now what?! 🙁

After cooling our engine and ourselves a bit down, Jurre went on an investigation. He recently installed a new thermostat, together with the alarm and sensor, and it was clear that the problem was located somewhere around this new installation. I’m really impressed by Jurre’s improved problem-solving skills. Before, he would be more stressed and losing himself a bit in the problem. He’s now much more calm and confident. Ánd he’s also a very experienced engineer by now…

In about 3 hours, the problem was solved. Big thanks you to SY Puff for their support! It was my task to assist with the temperature checks, running the engine and finally: cleaning out the bilge, my favourite task, which I’ve only done about 387462 times since we have our Yndeleau. I have improved my way of working as well: use the oil extractor to start, and finish off by using a diaper on a stick. Email me if your oil extractor ever breaks down; I now know a million ways to get it working again.

Soooo we threw away the newly produced garbage and left again. We didn’t wave this time…

The boys from Aboard Belafonte shared with us that it brings bad luck to leave on a Friday. Well, nothing we couldn’t fix, fortunately, but it took our ultra chill mode away and made us extra focused. Maybe we needed that 😉 We felt more than ever: one does not simply cross an ocean!

Suus

Ps. Regarding the sweaty palms: we both experienced such an adrenaline rush! That’s crazy and beautiful, how your body preps you for an emergency situation. It did however, painfully confront us with the fact that our next shower will be in three weeks! We have some simple washing systems aboard, but nothing g beats a real shower 😉

Sent from Iridium Mail & Web.

Testblog via de sateliet!

Hoi!

Test, 1, 2, 3…

Dit is een testblog, verstuurd via de sateliet, die het via een wordpress-plugin automatisch op onze blog plaatst.

Vervolgens geeft de blog via de RSS feed een headsup aan de aapjes van Mailchimp, en zo belandt deze blog -als het goed is- in jouw mailbox.

Fingers crossed! 🤞🏻

Superleuk dat je ons volgt, tot snel!

Liefs,

Jur en Suus

Bijna klaar voor onze aller-eerste oceaan oversteek

Met een zucht kijk ik naar de connectoren van de 2 zonnepanelen die voor me liggen. In Amsterdam hebben we 4 van de 6 panelen aangesloten. Om deze laatste ook aan te sluiten, moest ik een waterdichte doorvoer voor de stroomdraden maken. Door het dek, door de wand in de slaapkamer om de draden daarna via de kastjes, onder de vloer naar het motorhok te leiden. Voor de oversteek wil ik deze panelen graag aansluiten zodat we zoveel mogelijk energie kunnen opladen. De draden zijn helemaal doorgetrokken, maar als ik de connectoren waar de draden verbonden worden met het paneel open, zie ik dat ik iets heel doms heb gedaan. De connectoren zijn niet waterdicht geweest en het zoute water heeft de hele binnenkant verroest. It always bites you in the ass. Ik heb zelfs zo lang gewacht dat ze er helemaal af zullen moeten en ik de verbindingen opnieuw moet solderen…

^ De regulator en de stopknop voor de windgenerator. Deze remt de wieken af. Een heel priegelwerk om juist aan te sluiten.

Blij kijk ik naar de wieken die draaien in de wind. Als ik op mijn app kijk, zie ik in een vlaag ruim 2 a 3 amperes binnen komen. We maken windenergie! De dagen ervoor heb ik 2 accugroepen samengevoegd zodat we nu met drie monitoren 3 accugroepen in de gaten kunnen houden. Op onze telefoons kunnen we inloggen op deze groepen en precies zien wat er uit gaat, wat er in gaat en hoeveel procent van onze accubank we nog over hebben. Na het aansluiten van de windgenerator zien we nu de eerste positieve amperes windenergie binnenkomen. Wauw, wat een fantastisch gevoel. We hebben al 3 maanden geen walstroom meer nodig gehad. Stiekem hebben we wel stroom van de wal genomen als we de cirkelzaag of decoupeerzaag nodig hadden, maar verder doen we alles via ons eigen 24 volts netwerk, met zelf opgewekte stroom. Met de windgenerator en de laatste zonnepanelen aangesloten is onze energievoorziening klaar voor de oversteek.

Als ik naar beneden kijk zie ik Suus en haar beste vriendinnetje in de kuip zitten. Tineke is vanochtend aangekomen en na een gezamenlijke lunch ben ik 18 meter hoog in de mast geklommen. Zo kunnen ze lekker bijkletsen en ik wat klusjes doen in de mast. Er moeten 2 nieuwe vallen getrokken worden en ik wil reflectietap in banen op de mast plakken. Zo zijn we nog beter zichtbaar, en kunnen we ook in het donker op een ankerplek ons schip herkennen tussen alle schaduwen van een romp met mast er bovenop. Luxe en eigenlijk helemaal niet nodig voor onze oversteek. Tegelijkertijd loop ik in de mast alle verbinden na. Zie ik ergens een scheurtje of een zwakke verbinding die kan duiden op een toekomstig probeem? 3 uur en wat verbeteringen later, laat Suus mij zakken. Een paar dagen later klim ik weer de mast in om nog wat andere dingen te doen. 

Een servicebeurt aan de motor en een nieuwe thermostaat geeft ook onze grote 6-cilinderige vriend de nodige aandacht om hem klaar te maken voor de eventuele windstiltes die we onderweg gaan tegenkomen. Ook hebben we na twee lange avonden eindelijk de verbinding van de navigatiecomputer met de sateliettelefoon aan de praat, zo kunnen we ook op de computer binnen het weer ophalen en mails versturen.

^ De lijstjes die Suus allemaal heeft voorbereid. Man over board, wat te doen bij brand, welke brandblussers hebben we allemaal een waar gebruik je die voor en onze paklijst voor de grab-bag; de nood tas.

Drie liter water per dag, een waterdichte zaklamp, een emmertje om je behoefte op te doen, een accubank voor onze telefoons, zeeziektepillen, een fles olie, zonnebrillen, duct-tape, visgerei, zonnebrand. Zo maar een greep uit een lijst die Suus binnen op de kast plakt. Suus maakt alle lijstjes voor noodgevallen. De procedure van man-overboord of de textuele stappen van een May-Day bericht verzenden. Alles hebben we goed geoefend maar in een noodsituatie is een houdvast erg fijn. Ook hangt ze een lijst van spullen op om te pakken als we in ons reddingsvlot moeten stappen. Een groot deel daarvan ligt al klaar in een waterdichte tas achter op het dek. Met behulp van deze lijst bepalen we op het moment wat we er nog bij moeten stoppen. Wie zich afvraagt wat de fles olie doet op deze lijst? Tijdens een borrel opperde de Doejong om een fles olie mee te nemen. Een bierglas met olie creeert een enorme olievlek in het water die goed zichtbaar is. Deze schrijft Suus de avond na de borrel direct op onze grab-bag lijst. Noodvuurwerk en lampen zijn ‘s nachts goed zichtbaar maar overdag is een spiegeltje het meest effectief als een vliegtuig of groot schip langs komt. 

Als de extra bilge-pompen en alarmen zijn ingebouwd, de grotere omvormer op zijn plek hangt en de eerste 230volt levert, voelt het nu alsof we dicht bij vertrek zijn. De komende dagen staan in het teken van het afronden van de allerbelangrijkste en laatste klusjes. We gaan alle gaten en hoeken vullen met eten en verse groente en fruit. We toppen de dieseltanks af en ik moet helaas nog een tijdje in de tandarts stoel liggen omdat er een ontsteking onder een vulling zit. Maar, we zijn bijna klaar! Deze week gaan we beginnen aan onze aller, aller-eerste oceaan oversteek!

< De bediening van de bilgepompen en alarmen (must-have – links boven) en de lampjes (nice-to-have – tekening van het schip met lampjes welke lichten aan staan)

Zwemmen met dolfijnen

Zwemmen met dolfijnen 

Met 2 hengels en een handlijn stap ik in onze Highfield bijboot. Heel voorzichtig laat ik de haken en het aas het water in zakken. Ons bijbootje heeft een harde bodem maar de drijvers zijn opblaasbaar, dus daar willen we geen gaatjes in krijgen. “Tot zo lieverd!”, ik start de motor en vaar heel rustig van de boot weg. We liggen in een baaitje aan de noordkant van Tenerife. Prachtig weer verwelkomde ons op kerstavond in deze prachtige omgeving met grote hellingen en een zwart strand. De golven zijn te hoog om met ons bootje aan de kant te komen en zojuist is onze enige buurboot vertrokken. We liggen hier met kerst helemaal alleen. Zonder familie en vrienden. Een bijzonder gevoel. Met de satelliet telefoon hebben we de avond van te voren een kerstwens gestuurd naar onze families terwijl we aan ons vegetarisch kerstdiner zaten. We vertrokken van Lanzarote met het idee om naar een ankerplek te gaan waar we nog wel wat boodschappen konden doen. We vonden deze plek, dus we maken maar een heerlijk diner uit blik en een restje paprika.

Een half uur tuf ik langs de kust. In mijn gedachten zie ik me al met een enorme tonijn terug bij de boot komen. Oermannelijk. Suus die me trots verwelkomt. Als ik in de verte 2 andere bootjes met meerdere hengels zie krijg ik weer het volste vertrouwen. Ik geef wat extra gas en voel nog even aan de handlijn. Als ik weer rustig zit, zie ik erg in de verte wat vogels vliegen. Ik stuur wat bij, geef wat meer gas. Meeuwen zijn vaak een teken van jagende vissen.  De opgejaagde vissen worden naar de oppervlak gedreven waar de meeuwen dan ook de kans krijgen om een kerstmaal op te duiken. De perfecte plek voor deze jager in zijn bijboot om daar ook eens even lekker van te profiteren. Als ik dichterbij kom zie ik een grote vis springen. Het blijken dolfijnen! Ik vaar 2 keer langs een groepje dolfijnen om de tonijnen die vaak samen jagen te overtuigen van een lekker hapje. Maar mijn hengels blijven rustig. Als ik naar een groepje vaar blijken ze opeens overal om me heen te zijn. Als ik iets meer gas geef, zie ik ze verderop omkeren en naar mij toe schieten. Terwijl ze met de boeggolf spelen en naast mij springen scheur ik door de groep heen tot ik me realiseer dat de lijnen nog uit staan. Verschrikt gooi ik het gas dicht en haal de lijnen binnen. Als ik klaar ben zie ik mijn snorkel en duikbril liggen. Rustig vaar ik naar de groep die al wat verder gezwommen is. Als ik er in lig zijn ze weer weg, het water is zo helder dat ik enorm ver kan zien maar helaas zijn de dolfijnen hem gesmeerd. Nog twee keer probeer ik het. Als ik het de vierde keer wil proberen zie ik echt overal om me heen dolfijnen boven water springen. Dit moet hem toch worden. Heel voorzichtig laat ik me in het water zakken. Ver onder me zie ik wel 100 dolfijnen wegzwemmen, als ik me heel rustig omdraai zie ik dat een groepje van 20 dolfijnen onder me zwemt. Draaiend blijven ze me observeren. Een kwartier lang dobber ik boven ze en geniet ik met volle teugen. Als ze wegzwemmen klim ik weer de bijboot in. Helemaal in extase wil ik zo snel mogelijk naar Suus. Vol gas scheur ik in een half uur terug naar de boot. Zou het lukken om met Suus terug te keren en samen met ze te zwemmen? Vol enthousiasme springen we samen in de boot. Helaas vinden we ze niet meer en als de wind en golven aantrekken houden we het voor gezien. 

 

2e kerstdag varen we naar Santa Cruz. In de haven zullen we aan onze laatste voorbereidingen beginnen voor de oversteek. Als we liggen komen Arnoud, Rosan en Berend van de Doejong al aangelopen. We steken de BBQ aan en hebben een gezellige 2e kerstdag, met vlees.

Bijna Kerst!

Bijna kerst 

In de verte zien we grillige rotsen en zanderige, volkaanvormige, glooiende bergen. De twee Canarische eilanden La Graciosa en Lanzarote baden in het vroege zonlicht en het donkere zand van Lanzarote steekt prachtig af tegen het licht blauwe water. Elke keer is het land weer totaal anders dan wat je achter je aan de horizon hebt zien verdwijnen. Afstand en tijd beginnen een andere perceptie te hebben. Als de deuren twee uur nadat je op schiphol in het vliegtuig bent gestapt openen, is het nog maar zo kort geleden. Je stapt uit op een vliegveld en de wereld is veranderd. Met Yndeleau moeten we ons een aantal dagen opsluiten voor hetzelfde resultaat. Het voelt ergens werkelijker en je hebt de tijd om te wennen. Toch blijft de aankomst ook als het openen van de deur van dat vliegtuig. Het is er opeens. Vier dagen heb je naar leegte gekeken en dan is er opeens weer een andere wereld. Het blijft een enorm bijzonder gevoel.

Mijn sextant, hij ligt nu nog in een doos achterin de kast maar ik zal er snel aan moeten beginnen voordat ik niet meer durf.

“Lief, wanneer hebben we voor het laatst water getankt?” Ik kijk in ons logboek en zie dat we drie en een halve week geleden in Portugal nog getankt hebben. “De waterpomp zuigt soms lucht aan, het lijkt wel alsof de tank bijna op is”. De niveaumeter is na de geheel vernieuwde kaartentafel nog niet aangesloten, de draden moeten opnieuw doorgetrokken worden. Zo kunnen we helaas niet zien of we nu al door onze duizend liter water zijn. We nemen maar het zekere voor het onzekere en sturen de boot de haven binnen. Na vier dagen lijkt het ons heerlijk om even in de haven te douchen nu we er zijn. We besluiten er niet alleen water te tanken maar ook 1 nachtje te blijven liggen. Als we aan wal stappen merken we al snel dat het echt een vakantie plek is. Het Duits komt ons al snel tegemoet en alle menukaarten zijn vertaald in het Engels. Het is een andere wereld maar als we aan onze “large icecold beer” zitten op een terras met uitzicht over de haven, kijken we elkaar tevreden aan. De lange tochten gaan steeds beter. De boot is niet ontploft, we slapen goed, de wachten gaan top. We hebben ook onze sateliet telefoon uitgeprobeerd. We kunnen nu midden op zee weerberichten ophalen, een locatie update sturen en we hebben zelfs een website waarbij je ons nu kunt volgen, we kunnen met een programma een locatie en een berichtje sturen. Dit komt dan op de wereldkaart te staan en zo kan het thuisfront precies op de hoogte blijven. Ook hebben we met 3 andere boten die tegelijk oversteken een maillijstje. We sturen regelmatig updates naar elkaar over locatie maar ook bijvoorbeeld vis-updates of aankomst anker plekken. Dertig jaar geleden was er nog geen GPS en nu navigeren we met een tablet en hebben we continue de mogelijkheid om met het thuisfront te contacten. Hoe meer ik deze technische vernuftige gadgets ga waarderen, des te meer ik ook de ouderwetse sextant in de kast voel branden. Het is een kunst die ik wil leren maar met elke blik op onze computer met GPS lijkt het steeds moeilijker en onwaarschijnlijker dat ik dat ooit ga kunnen. 

We voelen ons na het aankomst biertje zo fit dat we gelijk de watertank openschroeven en zo kunnen kijken hoeveel water er in zit. Ook kunnen we goed controleren of het cementeren van de tank goed is gegaan. Voor vertrek heeft Suus de gehele tank schoongemaakt en opnieuw met cement besmeerd. Dit heeft een beschermende werking voor de tank maar ook een filterende werking op het water. De beroepsvaart doet het al jaren en waar grote producties overgestapt zijn naar het chemische epoxy is extra gewicht voor onze dikke dame, met toch al wat kilootjes te veel, geen probleem. Uiteindelijk slaan we na ons aankomst biertje volledig aan de klus.

De volgende dag zijn we na een heel aantal klussen toe om voor anker te gaan. We hebben de springen al los, het ankergerei klaar en het vlees voor de BBQ, met de andere 2 boten die gister waren aangekomen, ligt al gemarineerd in de koelkast. “Suus, we hebben ergens een olielek. Wil je de spring weer even vastleggen?” Snel heb ik nog even het oliepeil gecheckt. Vanochtend heb ik de olie en het oliefilter vervangen en blijkbaar is er daar wat mis gegaan. Het oliefilter blijkt niet goed vast te zitten. Suus rent snel naar de winkel om nog wat olie te kopen en ik ga aan de slag tot ik me realiseer wat een gekken we weer zijn om te proberen om nog voor het donker de ankerplek te bereiken. Ik loop snel naar de winkel en we besluiten dat we gewoon een nachtje blijven liggen. De andere twee boten reageren begripvol en de barbecue verplaatst naar de volgende dag op het strand. We blijven uiteindelijk 8 dagen in de haven liggen om 2 dagen te kiten en heel veel klussen af te strepen. De waterniveaumeter, de radar, de antenne voor de sateliettelefoon, een nieuwe temperatuursensor voor de motor en de marifoon-antenne in de mast worden aangesloten. Yndeleau wordt geheel ontroest en de watertank wordt eens goed doorgespoeld. Yndeleau blinkt weer van binnen en van buiten.

“Lief, kom snel buiten!” Twee grote witte vlekken zwemmen om de boot. Suus en ik staan voorop de boot te kijken als er eerst 1 voor ons komt zwemmen. Veel rustiger dan dolfijnen die we tot nu toe hebben gezien. Een tweede komt er al snel bij. Volledig wit en een stompe snuit. Een kruizing tussen de slanke dolfijn en een wat dikkere walvis. Ze zwemmen gracieus met de boot mee en verdwijnen dan weer snel. Grijze dolfijnen worden wit als ze oud zijn, blijkt later op Wikipedia. Een prachtig welkom van Lanzarote. Een uurtje later varen we de ankerbaai in. Een heel klein plekje waar al 8 boten liggen. We kunnen in het laatste avondlicht de bodem goed zien en proberen ons anker op zand te mikken. Twee keer grijpt ons anker niet en de derde keer pakt hij, na zeker 10 meter over de grond getrokken te hebben, met een harde ruk. Ik duik snel het bootje in met een duikbril om te kijken hoe hij ligt. Het anker zit met zijn punt onder een betonblok. Als we snel de windvoorspelling checken, zien we dat de wind vannacht gaat draaien. Wanneer de boot vanuit een andere hoek aan het anker zal gaan trekken is er een grote kans dat hij losschiet van het betonblok en dan komt de kademuur wel heel dichtbij. We twijfelen enorm. Gaan we in het donker naar de andere ankerbaai varen in de hoop dat het daar beter ligt? Proberen we de haven in te varen tegen de hoofdprijs? We kunnen ook de zeilen hijsen en de nacht invaren richting Fuerteventura of zelfs Tenerife… Maar de wind verdwijnt vannacht waarschijnlijk dus dan wordt het een nacht lang motoren. We besluiten een half uur te varen en te kijken bij de andere ankerplek. Als die niet goed voelt, draaien we om en kiezen we het ruime sop. Na 1 keer proberen pakt het anker meteen in de zandbodem en liggen we goed vast. De volgende ochtend vroeg sta ik met flippers en duikbril klaar om naar het anker te duiken als ik een zwarte lange schim zie zwemmen. Als Suus en ik beide staan te kijken komt hij nog een keer langs, het is een kleine haai! Als ik even later het water in durf en naar het anker duik, blijkt dat we top liggen. We zijn klaar om eindelijk te wassen en daarna boodschappen te doen bij de Lidl om de hoek! Als we de Ikea naast de Lidl vinden, kunnen we niet laten even naar binnen te lopen en met kerstversiering naar buiten te komen. We beginnen in de kerstsfeer te komen!

Terug naar Europa

Terug naar Europa

 

“Een drugshond controleert de boot en ze gaan echt alles open halen”. Internet staat vol met slechte ervaringen als we aanleggen bij de douane. Hier moeten we uitklaren, het proces van aangeven dat je een land weer verlaat. Net zoals op het vliegveld. Terwijl een beambte even snel met Suus de boot binnen gaat en 2 kastjes opent, loop ik gemoedelijk naar de politie. Daar krijgen we de eerste stempel in ons paspoort en ook onze drone netjes terug. Binnen 10 minuten staan we weer beide op de boot en kunnen we vertrekken. Zonder wind varen we samen met Nederlandse vrienden en een Deense boot op de motor naar buiten. Een andere bevriende Belgische boot is al 1.5 uur eerder uitgevaren en zien we een aantal mijl verderop op de AIS. Uit automatisme controleer ik nog elk 10 minuten de as en de hele motor op het oog. We hijsen drie keer de gennaker, ons grootse voorzeil, Yndeleau’s oranje parade paardje. Pas bij de derde keer en een aantal uur later blijkt er net genoeg wind om te zeilen en hijsen we ook ons grootzeil. 

“Trrrrrr. Trrrrrr.” De molen van de hengel ratelt als een gek. Suus kijkt me aan. Wat nu? Als een bezeten probeer ik te herinneren wat ik allemaal bedacht had.  “We hebben de deegroller nodig” om de vis zo snel mogelijk netjes uit zijn leiden verlossen is waar ik als eerst aan moet denken. “Oh, en de haak”. Terwijl ik de molen in een extra rem zet om de vis uit te putten is dat het tweede waar ik aan denk. Om zeker te zijn dat je hem niet op het allerlaatste verliest hebben we op advies een haak gekocht waarmee je de vis kan oppikken uit he water. Daar prik je hem mee vast en kun je hem zo aan boord trekken. Als ik dit zo schrijf klinkt het best crue, maar om te voorkomen dat de vis met zijn laatste krachtsinspanning zich, zonder onderkaak weer terug in zee werkt, is dit toch voor beide partijen een fijn en snel hulpmiddel. Dan realiseer ik me dat we de vis eerst bij de boot moeten krijgen, bij stap 1 beginnen. Terwijl ik al mijn vooraf gelezen trucs probeer in te zetten trekt Suus met vereende krachten ons voorste zeil binnen waardoor we snelheid verminderen, rustig stuurt ze nu iets meer naar de wind waardoor het grootzeil ook minder snelheid creëert. De automatische piloot zorgt dat de boot op deze koers blijft terwijl we samen de vis binnen halen. Als we hem dichter bij in draaien kunnen we hem zien, een glimmend blauwig, dikkige vis. De kleuren lijken op een makreel maar dan veel groter. Zou het dan eindelijk; meteen bij de eerste echte dikke vis raak zijn? Onze vreugde kan niet op. Tonijn!! In Marokko vonden we eindelijk de wasabi, blijkbaar vond Neptunes dat we er nu klaar voor waren. De haak doet zijn werk voortreffelijk en met een doffe klap is Tonnie uit zijn lijden verlost. 

Ik zie Suus binnen de salade schaal pakken. De laatste twee tochten krijgt deze schaal een ander doel. Om drie uur ‘s nachts is de wind helemaal uit gegaan. We zijn beide kweps, misselijk en algeheel bleh. We motoren al uren terwijl de golven blijven rollen. We zijn met onze 20 ton een speelbal van de golven en dat voelen we. Suus heeft nu het stadium van Kweps gepasseerd en slaat direct door naar de alarmfase van de salade schaal. Als de schaal zijn nieuwe doel heeft voltooid is het mijn taak om deze nieuwe soort salade aan de vissen te voeren. Hierna duikt ze in bed en veranderen we onze wachten naar om de 2 uur. Kortere wachten om zo beide ook snel weer plat te kunnen. De tip om een dopje in je niet dominante oor te stoppen werkt bij mij als een tiet. Mijn kwebsheid is direct weg. 

Na 13 uur motoren gaat de wind eindelijk aan, we hebben hem te pakken en zullen hem niet meer kwijt raken de gehele tocht naar onze eerste bestemming op de Canarische Eilanden. 3 weken geleden verlieten we Europa en nu zeilen we er weer naar terug, gelukkig zijn we nog niet op de terugreis van ons avontuur. We laten een erg bijzonder land achter ons, we hebben genoten maar we merken dat na 3 weken vooral steden gezien te hebben we ook weer enorm behoefte hadden aan het ruime water en de vrijheid achter het anker. Marokko en in het bijzonder Abdullah en zijn familie hebben een warm plekje in onze herinnering. Onze bestemming is een ankerbaaitje ten zuiden van La Graciosa, een klein eilandje ten noorde van Lanzarote. 

In Sha Allah

 “Bidden is allereerst goed voor je gezondheid en hart. Wanneer we met ons voorhoofd op de grond liggen word ik al rustig. Je maakt letterlijk verbinding met de aarde waardoor ik alle spanning loslaat. Ik voel me volledig ontspannen en helemaal rustig erna.”. Het doet me denken aan meditatie. We zijn uitgenodigd door Abdullah om bij hem thuis te komen eten en om ook Kénitra, een stad 50 kilometer ten noorden van Rabat, te bezoeken. In de auto hebben we al snel bijzondere gesprekken over moslim zijn, de islam en het land Marokko. Abdullah’s broer woont in Breda en 2 andere broers wonen in Duitsland. Hij is de enige van zijn broers die in zijn geboortestad en in Marokko is gebleven. En het is heel duidelijk dat hij van het land houdt, maar hij ziet ook dat het niet altijd goed gaat.

We kletsen over politiek en de geschiedenis van de koning. Thuis aangekomen worden we verwelkomd door Abdullah’s vrouw en twee dochters in een prachtig kleurrijk huis. Een hele andere gewaarwording dan het huis van de vrouw die we op de Medina in Sale ontmoetten. Overal is zorg aan besteed en we zien nergens kleding slingeren. Een hoek van het huis is een en al bank, met bijzettafeltjes met prachtig houtsnijwerk en prachtige kleurige kussens. Daar zitten we heerlijk riant en voelen ons echt welkom. Fatima en haar jongste dochter Guda duiken de keuken in vanwaar heerlijke geuren naar buiten komen. Als Abdullah kort verdwijnt om een gebed te doen in de slaapkamer, praten wij met Manar, de oudste dochter. Zij werkt bij een verzekeringsmaatschappij en belt vanuit Marokko met Franse klanten. Ze komt net terug van de hammam. Suus vraagt direct naar tips en binnen 1 zin wordt ze al uitgenodigd om met haar mee te gaan, wat een gastvrijheid, zo bijzonder!  

Abdullah nodigde ons uit voor het eten bij zijn familie toen wij koffie met hem dronken bij ons aan boord. Hij was in de haven om met zijn team een reparatie uit te voeren aan onze buurboot, een speedboat die nauwelijks vaart maar waarvan de eigenaar wel kan zeggen dat hij “een boot in dezelfde haven als de koning” heeft. We hadden geen idee wat ons te wachten stond toen hij ons ophaalde om 1 uur ‘s mddags op zaterdag. We zouden gaan eten, en mochten ook blijven slapen. Toen we de auto instapten, en op een gegeven moment op andere plekken stopten, voelde het niet gepast om te vragen wat we gingen doen, we lieten het gebeuren. Hij reed samen met ons langs een prachtig strand, de plek waar zijn ouders hadden gewoond en wat een geweldige golfsurfspot bleek waar hij het over had gehad tijdens onze koffie. In de rivier braken de golven langs de kant zo clean en mooi dat we bijna direct surflessen boekte om hier ook van te kunnen genieten. Toen we dichter bij Kénitra kwamen, werd het steeds groener. Een groot meer geeft het landschap hier water waardoor het de plek is in de wijde omgeving waar iedereen zijn planten koopt. Langs de weg zijn grote velden, wat de tuincentra blijken te zijn. Prachtige planten, struiken en bloemen staan in grote stallen uitgestald.

Gezamenlijk zitten we aan de lage tafel in het ander deel van de kamer. De TV staat aan met een Arabische show en Fatima komt binnen met een heerlijk geurende grote schaal. Een berg met couscous, gestoomde groentes en bovenop grote stukken vettig geitenvlees. Het ziet er prachtig en heerlijk uit. De karnemelk die wij ingeschonken krijgen smaakt heerlijk. Fatima doet Suus voor hoe we het moeten eten. Het kleine bordje voor ons is er om een stukje vlees op te leggen, verder duiken we allemaal met een lepel in de grote schaal. Het voelt familiar en vertrouwd om zo “shared dining” te hebben. Later vertelt Manar dat ze normaal gesproken het met hun handen eten. Ik probeer nog aan te geven dat ik dat graag wil leren en dat we dat best kunnen doen. Abdullah lacht vriendelijk; “de volgende keer” geeft hij aan. Regelmatig liggen we met z’n 6en dubbel van het lachen en we vragen veel over het geloof en de gebruiken. Abdullah vertelt bijvoorbeeld over ajr, door hem vertaalt als punten als ik hem vraag of er op bijzondere gelegenheden naar de moskee wordt gegaan en tijdens andere specifiek thuis wordt gebeden. Het is niet zo dat je specifiek naar de moskee gaat op bepaalde momenten, maar dat bidden in de moskee wel voor meer punten zorgt. Naar de moskee gaan kan 27 punten opleveren terwijl bidden thuis goed is voor 1 of 2 punten. Na de maaltijd komen de koekjes en de zoete muntthee op tafel. Als we geïnteresseerd vragen hoe ze die maken, staan we even later met z’n allen in de keuken voor een lesje Marokkaanse thee maken, door Guda. 

We nemen afscheid van Manar als we met z’n allen weer in de auto stappen. Als we de deur uitstappen geeft Suus nogmaals een compliment over het prachtige schilderij dat naast de deur hangt, die Abdullah zelf heeft geschilderd. Direct pakt hij het op en loopt er mee naar binnen, Suus kijkt me verschrikt aan. “Het zal toch niet?”. Twee minuten later komt hij naar buiten met een opgepoetst schilderij. Hij staat er op dat we het als kado meenemen. Een intense dankbaarheid mixt zich met schuld bij Suus. Had ze het niet moeten zeggen? Werd het compliment opgevangen als verplichting om het kado te geven aan ons? We kunnen dit toch niet aannemen? We kijken elkaar met mixed feelings aan en proberen enorme dankbaarheid te tonen maar ook duidelijk te laten blijken dat het echt niet hoeft. “It is too big” zegt Suus doelend op dat het een te groot kado is. Abdullah kijkt teleurgesteld en vraagt “does it not fit?”. Hij staat er op dat we het in ontvangst nemen en loopt al met schilderij onder de arm naar beneden.

“Wauw, that is so beautiful, that stork in their nest”. Suus wijst naar een ooievaar op een lantarenpaal. “Yeah, Kénitra is the city where birds stay” antwoordt Abdullah. Als we de hoek omdraaien snappen we wat hij bedoelt. Op elke paal, op elke gevel, in bomen en op de minaretten zien we allemaal ooievaars nesten. De bellarajj, marokkaans voor ooievaar, duiken en zweven boven de straat. Waarom migreren vogels ook eigenlijk? Als je een goede plek hebt gevonden is het toch ook niet nodig om de sahara over te steken om in de koude omgeving van Nederland op zoek te gaan naar kikkers? De bellarajj hebben het goed gezien, de inwoners van deze stad houden van deze vogels en de vogels hebben het goed door, ze migreren niet meer, ze blijven hier gewoon het hele jaar door. Kénitra, de stad waar vogels blijven. Ondertussen hebben we de auto geparkeerd en lopen we in het donker door de oude medina. Het is zaterdag avond en het blijkt het moment om inkopen te doen. Als Suus struikelt over een stoeprand pakt Fatima haar bij de arm. Arm in arm lopen ze gemoedelijk verder. Als Suus Guda vraagt of ze een boyfriend heeft lacht ze hartelijk, nee hoor, daar heeft ze ook nog geen behoefte aan. “No, only when I marry”. “If I find a good man he needs to ask my dad”. Abdullah knikt. “And if it is a good man I will say yes”. Guda glimlacht en Fatima voegt toe: “But only if I tell him it is a good man”. Gezamenlijk lachen we en lopen we weer verder. Het lijkt er vanaf buiten misschien op dat haar vader bepaalt of ze mag trouwen. Maar Guda beslist zelf met een beetje advies van haar moeder. We merken een verschil tussen man en vrouw, vrouwen mogen niet samen met mannen bidden, behalve bij het Offerfeest, en na het eten ruimen de vrouwen de tafel op. Maar is dat eigenlijk echt anders dan in Nederland?

Bij terugkomst in de marina nodigen we ze uit om de boot te komen bekijken. Ze slaan twee keer een kopje thee af. Gezamenlijk maken we een polaroid en nemen we afscheid van hele bijzondere mensen. Het voelt alsof we ze al jaren kennen. Waar opmerkingen over dat we echt moeten terugkomen soms niet zo gemeend voelen, hebben we echt het gevoel dat we nooit meer naar Marokko willen komen zonder bij Abdullah en zijn familie langs te gaan. 
En hopelijk bezoeken zij ons een keer in Nederland! In Sha Allah, als God het wil.

Old Medina – de oude stad

“Wat zou er gebeuren als er hier op eens een goede windvlaag langs komt?” We lopen door de kruidenstraat in de Old Medina van Salé. De kruiden, poeders en thee ligt in enorme schalen zo hoog opgestapeld dat we ons afvragen hoe het nog zo netjes kan blijven liggen. Salé is de stad aan de andere kant van de rivier van Rabat en heeft de reputatie “to stir things up”, om dingen een beetje op te stoken. De demonstraties tegen het Franse regime in de jaren 50 startte hier, veel overheidsfunctionarissen en adviseurs van de koning komen uit Salé en de eerste piraten van Afrika hadden Salé als thuisbasis.

In deze stad ligt de Bouregreg Marina waar wij gister zijn aangekomen. In deze haven liggen ook 5 boten van de koning, maar net zoals dat de koning in elke stad een paleis heeft voor als hij op bezoek moet in andere steden heb ik het gevoel dat hij zijn boten hier zelfs nog nooit heeft gezien. Als we de Old Medina in lopen is het duidelijk een andere stad dan de grote broer aan de overkant van de rivier. Als je met het roeibootje, de lokale manier van openbaar vervoer, oversteekt over de rivier ervaar je direct een groot contrast. Rabat is de hoofdstad van de overheid en voelt veel officieler. Mensen lopen over een strakke en chique promenade en al snel zijn de eerste toeristen gespot. Duik je echter vanuit onze marina de Old Medina in van Salé, dan kom je in een hele andere wereld. Medina is vrij vertaald “stad”, de old medina is de oude stad en is vaak ommuurd met een prachtige oude muur. Binnen deze oude muur vind je een labyrint van drukke nauwe steegjes met overal stalletjes en winkeltjes. Suus en ik kijken onze ogen uit.

Als we na de kruidenstraat een volgend straatje inlopen zien we een prachtige soort glas in lood plafond, elk winkeltje heeft prachtige deuren met houtwerk en Suus waant zich in 1001 nacht met al die fantastische jurken die er hangen. Een straatje verderop duiken we weer in een totaal andere wereld. We lopen over bloed en ingewanden. Dit is de slagers straat. Een winkelende vrouw wijst een kip aan die voor onze ogen wordt geplukt en klaargemaakt om zo verpakt te worden zoals wij hem kopen in de supermarkt. Een stalletjes ernaast liggen de koeienpoten en weer verderop kijken twee ontvelde geitenhoofden ons aan. We lopen zo langzaam mogelijk om alles in ons op te nemen. Niemand valt ons lastig, iedereen lacht ons vriendelijk toe en we proeven van alles. Verschillende soorten brood, een soort sandwich met gefrituurde aubergine en gegrilde sardientjes, olijven, escargot bouillon, sapjes. Maar we blijven van de ontvelde hoofden af.

Het is alweer 2 maanden geleden dat ik zelf mijn haar voor de spiegel met een tondeuse heb staan knippen. Als mijn kuif te lang is wordt mijn tekort aan haar steeds duidelijker dus het is weer tijd om er wat aan te doen. Toch moet ik langs minimaal 10 kappers lopen voordat Suus mij heeft overtuigd dat ik naar binnen moet. Mohammed is uiteindelijk de man bij wie we naar binnen lopen. Enorm vriendelijk en lachend laat hij ons binnen. In het frans hebben we al snel lol samen en lachend probeer ik hem duidelijk te maken dat er niet al te veel af hoeft. “Tu outside photograph?”, vraagt hij in het frans engels terwijl hij naar ons en naar buiten wijst. “Denk dat hij wil dat ik een foto van buiten van jullie maak”, Suus loopt al naar buiten maar terwijl ze de foto maakt ziet ze dat hij een grap maakt. Buiten hangt een groot bord met fotos van zijn andere beroep. Een klein jongetje zit naakt met zijn benen weid met een stoere traan op zijn wang. Deze kapper gebruikt zijn scharen niet alleen voor haar maar doet ook aan besnijdenissen. Hij ligt helemaal dubbel als we het begrijpen. Ik probeer zo snel mogelijk mijn franse woorden te vinden om aan te geven dat dat bij mij niet hoeft. Samen liggen we dubbel en als ik later goed geknipt af wil rekenen wil hij eigenlijk geen geld hebben. Uiteindelijk wijst hij 20 Diram aan, en uiteindelijk druk ik het dubbele in zijn handen. Wat een ervaring weer.

Als we met ons gebrekkige Frans en onze handen en voeten overal aan het vragen zijn of ze ook Tamarinde verkopen, een ingrediënt voor hummus, komen meerdere vrouwen ons helpen. Uiteindelijk slenteren we samen met een vrouw langs verschillende stalletjes maar vinden het helaas niet. We wilden vanavond voor mijn verjaardag hummus maken voor de bevriende boten die langs kwamen. Dan maar zonder. We bedanken de vrouw, maar ze staat er op dat ze ons haar huis wilt laten zien. Wat een vriendelijkheid. Tegen de oude stadsmuur aan mogen we haar huis bekijken, de was lijkt er ontploft, overal liggen kleren. Op het dak van het woongedeelte ligt een grote golfplaat die net niet groot genoeg is waardoor als het regent de woonkamervloer in een waterballet verandert. Een grote flatscreen pronkt in het zitgedeelte en de keuken is brandschoon. Later vertelt ze ons dat ze een restaurantje heeft en nodigt ons uit daar een keer te komen eten. 

“Hi guys, we have seen your boat in Spain already”. Een Zweeds koppel staat op de steiger en we raken in gesprek. Ze blijken Yndeleau te herkennen aan het oranje masttopje en al snel staan we grappen te maken over dat wij het slechte weer meegenomen hebben. Heerlijk hoe gemoedelijk het altijd gaat tussen zeilers onderling en we nodigen ze direct uit voor mijn verjaardagsborrel vanavond. Wij duiken nog snel even op de bank om even bij te komen van alle indrukken van die dag. ‘S avonds zit de hele kuip vol met drie bevriende Nederlandse boten en de Zweedse boot. We kletsen alsof we elkaar al veel langer kennen. We bespreken de spannende aankomstkomst en er worden al snel wat sterke verhalen gedeeld. Maar ook hebben we het al snel over echte dingen, mooie gesprekken over het leven en de reis die we maken. We hadden verschillende levens maar we delen nu allemaal hetzelfde, en dat verbindt.

Aankomst op een ander continent

Warme lucht komt ons tegemoet. Het ruikt naar zand, droog warm zand. Heel iets anders dan de, ook heerlijke, maar andere lucht in het droogvallende gebied waar we in Portugal vertrokken. Daar rook het naar slik en modder. We zijn onderweg naar Marokko. 30 uur geleden hebben we Portugal verlaten en we zien op de horizon al lichten verschijnen. We hebben Rabat, de hoofdstad van Marokko in het zicht en daarmee een heel nieuw continent. “Wauw, dit is wel echt bijzonder” zegt Suus terwijl we samen strak het water afturen naar visnetten. Het Marokkaanse kustwater staat er om bekend dat er soms parallel aan de kust enorme netten worden uitgezet die net onder het wateroppervlak drijven. Officieel zouden deze verlicht moeten zijn maar dit schijnt met zulke kleine lichtjes gedaan te worden, en gecombineerd met het toch wel onrustige water verwachten we niet dat dit niet heel duidelijk te zien is. We besluiten daarom de laatste 5 uur samen wakker te zijn en Suus links, en ik rechts in het maanlicht het water af te speuren op zoek naar tekenen van visnetten. 

Na zonsondergang is het vaak pikkedonker en kan de zee om je heen beangstigend zijn. De e-reader pakken en een boek lezen voelt niet fijn, het hele zachte licht van de e-reader verblindt je dan al waardoor je bij het opkijken van je boek helemaal niks ziet. Tijdens de donkere momenten ben ik veel meer gefocust, maken “onbekende” geluiden me meer gespannen,  kiezen we er beide ook voor om minder bezig te zijn met de juiste stand van de zeilen en zijn mijn gedachten vaak minder positief. Vannacht was het zoeken naar de juiste balans van de instelling van de windvaanstuurinstallatie tijdens deze donkere periode erg frusterend. Terwijl je niet kan navigeren op het zicht blijf je turen naar het kompas. Met deze mechanische stuurinstallatie slingeren we redelijk. Zo blijven we perfect op dezelfde koers ten opzichte van de wind varen maar zo is het kompas niet de juiste raadgever voor de juiste koers. Op de tablet kan ik wel zien of we een goede koers hebben gevaren maar dat lukt pas na een tijdje. Slingert hij wel gemiddeld naar de goede richting? Zo kunnen we soms wel een uur bezig zijn met de boot in de juiste balans krijgen om haar in de juiste richting te krijgen. Als de maan aanwezig is het een totaal andere wereld. Je begint duidelijk de contouren van de zee om je heen te zien, een geluid plaats je sneller en ik kan me soms heerlijk in een e-book verliezen. Het voelt als een wereld van verschil. 

Na 3 uur lang turen over het water hebben we geen visnet gevonden maar varen we fantastisch met 7 tot 8 knopen per uur met sneltreinvaart richting de zand geur. We mogen Rabat alleen in als de swell, de golfslag, onder de 2 meter is. Jaren geleden is hier een schip gekapseisd en is er tragisch een opvarende verdronken. Sindsdien sluit de haven en mag er niet meer ingevaren worden als de golfslag te hoog is. Naast de swell waar we rekening mee moeten houden is met onze diepgang van 2.5 meter het ook belangrijk dat we twee uur voor of twee uur na hoogwater naar binnen gaan. Anders lopen we vast. Dat geeft ons twee opties deze dag, we kunnen rond 6 uur ’s ochtends of rond 7 ’s avonds binnenlopen.

Twee dagen geleden vertrokken we met een voorspelling van 1.3 meter swell voor de gehele dag. Onderweg hebben we op onze radio al met twee tankers gesproken die aangaven dat de voorspelling van de swell inmiddels is toegenomen naar 1.7 tot 2.1 meter. “Het zal er om spannen lieverd” zeg ik terwijl ik opnieuw naar binnen duik. Op basis van de informatie van de kapitein van een 290 meter groot vrachtschip horen we ook dat de wind gaat draaien waardoor de uitwijkmogelijkheid naar de volgende haven 35 mijl tegen de wind in ligt.  Dat zou een uur of 8 verder varen betekenen. “The morning option would be definitately the best choice with the lowest swell” geeft hij aan. We springen naar buiten en zetten letterlijk alle zeilen bij. Geconcentreerd proberen we alle snelheid uit Yndeleau te halen om de vroege optie te halen. Zo scheuren we nu op Rabat af.

We proberen elke 10 minuten contact op te nemen met de Bourgageg Marina om te informeren of de haven geopend is. Twee uur voordat onze ETA onze aankomst voorspelt lijkt het alsof we een boot uit de haven zien komen. “Jur, ik zie een boot uit de haven komen, yehess. Dan is de haven nog open!”, roept Suus van binnen terwijl ik op de visnet uitkijk blijf staan. “Oh, wacht. Het is de Choctaw.” Het blijken onze vrienden te zijn die wat eerder dan ons zijn vertrokken uit Portugal. “Dan is hij dus niet open? Zouden ze al op weg zijn naar de uitwijkhaven?”. We roepen ze op via de radio en krijgen een lichtelijk gefrustreerde reactie. Ze liggen al bijna 6 uur te wachten voor de haveningang, maar om 8 uur zullen we meer duidelijkheid krijgen. “We moeten wachten tot zonsopkomst, dan gaat de pilot visueel inschatten of het veilig is om naar binnen te komen”. Niks voorspelmodellen, apps of websites die vertellen hoe hoog de swell is. Ze hebben zonlicht nodig om te bepalen of het wel of niet veilig is, het gaat er echt om spannen.  We halen flink wat voorzeil weg om nu juist de snelheid er uit te halen, we zullen 3 uur moeten wachten, hopelijk wel op goed nieuws.

“Speed, speed, make speed” klinkt het met een lichte spanning uit de radio. Het is het enige wat we begrijpen van de pilot over de radio. We mogen naar binnen en intussen is ook de derde Nederlandse boot aangekomen en zo zullen we met drie boten achter de pilot boot de haveningang invaren. Voor ons vaart de Choctaw en als we dichter bij de ingang komen zie ik heftige brekers ontstaan. Met klamme handjes houd ik met witte knokkels het stuur vast. De golven van achter duwen je van links en dan weer naar rechts. Hard stuur ik bij en ik geef nog meer gas. “Speed, more speed” hoor ik nogmaals terwijl ik de Choctaw heftig heen en weer zie surfen op een aantal brekers. Ik geef nog meer gas en zie onze toerenteller naar een aantal gaan die de motor bij ons nog nooit heeft gelopen. Ik vergeet de dieptemeter of ook maar verder om me heen te kijken. Ik voel me een met Yndeleau, en op deze momenten laat ze ons niet in de steek. Ik stuur haar volledig recht door de golven en zoals we de golfen uit het niets zagen opdoemen zo is het ook opeens vlak.

Om me heen zie ik een nieuwe wereld. De zonsopkomst geeft een magische kleur aan de pier. Aan de rechterkant zie ik in gele stenen een kasteel en oude muren. Voor ons steekt een roeibootje over en zien we een soort visafslag. Alle mannen staan ons aan te zwaaien en Suus wordt al bewonderd. We zijn er gewoon, en we moeten nu voor het eerst inklaren. We zijn van de EU nu naar een ander land gevaren, dat betekent dat we “door de duane” moeten. Door de pilot worden we naar een steiger geleidt waar we worden ontvangen met zoete marokaanse thee. Stiekem drinken we met de drie Nederlandse boten er ook een berenburgje bij. Hier zal de politie en duane komen om paspoorten en de boten te checken. Van zeilers die hier een tijdje geleden aankwamen hoorde we dat er ook soms een hond de boot afsnuffeld. Bij ons gaat het enorm gemoederlijk en binnen een uurtje mogen we doorvaren naar de haven. Hier genieten we van ons “ankerbiertje”, ruimen we de boot wat op en duiken dan even op de bank. Na even lekker bijgekletst en wat gegeten te hebben besluiten we eventjes op bed te gaan liggen. Heerlijk om weer bij elkaar in bed te liggen en we zijn binnen vijf minuten vertrokken.

“Jur, het is al 6 uur.” We hebben drie uur geslapen denk ik nog als Suus me wakker maakt. Dan hoor ik de oproep voor het gebed uit de naastgelegen moskee komen en realiseren we ons dat we 16 uur geslapen hebben! Als de zon op komt blijkt het een mooie dag te worden. Rustig staan we op en hijzen de gennaker en de zeilen om ze te laten drogen. Een ontspannen sfeer heerst er in de haven als steeds meer boten hun zeilen hijzen. Er blijkt nog een Nederlandse boot aangekomen te zijn gisteravond en iedereen loopt bij elkaar langs om even te praten nog over de tocht. Genietend staan we de boot af te soppen van het zoute water. We zijn gewoon naar een ander contintent gevaren. Het voelt alsof we steeds meer echte vertrekkers worden. 

Just in time management

Een vallende ster valt recht voor de boot en aan de zijkant bruist het lichtgevende water langs de boot. Zojuist is het weer pikkedonker geworden terwijl er nog wel visnetten in onze vaarroute liggen. Deze liggen erg diep maar de boeien die de vissers aangeeft waar de netten liggen kunnen we vervelend blijven steken achter onze anodes of in het ergste geval in de schroef komen en motorproblemen veroorzaken. Ik leun op de daghouse en blijf turen in het donker. Langzaam maar zeker zie ik steeds meer in het volledige vlakke water. Het motoren geeft nog veel onrust, het vertrouwen moet nog groeien in de motor en aandrijving, maar een oceaan als een spiegel is wel prachtig. Ze heeft zo veel gezichten. Na 1,5 uur geen vissersnet meer gezien te hebben durf ik met vertrouwen weer te gaan zitten. De netten zijn er niet meer, of ik zie ze niet.

We zijn op weg richting Faro en varen langs de Algarve. Suus haar ouders komen ons hier opzoeken. Gister vertrokken we uit Seixal bij Lissabon, een heerlijk idyllisch plekje die ons eindelijk de gewenste ontspanning bracht, totdat we besloten de vloer uit de WC open te breken om toch het laatste stukje bilge (huid van boot) te checken. Over intuïtie en voorgevoel gesproken vonden we daar een op het oog erg slecht roestig plekje. We besloten direct dat we om verder te kijken naar dit plekje het water uit wilden. Stel dat we opeens dat laatste stukje staal weg zouden trekken en er water in de boot zou lopen? Na 2 nachten wachten en slecht slapen konden we het water uit en het plekje eens goed te grazen nemen met een hamer. In mijn dromen die 2 nachten had ik er al meerdere malen doorheen gedrukt, en was het alleen nog de antifouling verf aan de buiten kant die ons redde van een zinkende boot. Maar al hamerend bleken deze dromen duidelijk bedrog en kwamen we er niet doorheen. Omdat roest putvormig kan zijn (kleine ronde putjes) was het zaak om echt alles helemaal goed schoon en roestvrij te maken om visueel maar daarna ook met ultrasone geluid meetapparatuur de dikte van het staal te meten. Volgens de keurmerken mag je 30% van je huiddikte verliezen door roest, bij meer heb je een probleem. De oplossing is dan om een stuk van de huid uit te slijpen en een nieuw stuk staal er in te lassen. We werden al bang voor ons weekendje met Suus haar ouders. Na wel honderden meetpunten genomen te hebben opende we ’s avonds laat een biertje. Het was allemaal goed en we zaten nergens over die 30% heen. Volledig vertrouwen in de huid, een laag epoxy primer en ook al wat “wachtklussen” later konden we weer bij hoogwater het water in. We vertrekken precies op tijd naar Faro en het lijkt alsof ons weekendje met Suus haar ouders nog niet in het water is gevallen.

“Ai, we hebben ergens een lekkage. Ik weet niet precies wat het is, diesel of water”.  Vlak voordat ik naar bed zou gaan check ik de motorruimte nog even en zie water druppelen uit het plafond. Het lijkt vanuit de bun te komen waar ook een van de dieseltanks zit. We besluiten de hele bun leeg te halen; fietsjes, tassen met lijnen, ons drijfanker, een zonnekleed, alles gaat er uit. Suus duikt de bun in en geeft alles aan en ik til alles naar binnen. Wat we alleen vergeten is dat de boot heen en weer beweegt. We zitten op open zee. Nadat ik net een grote tas met lijnen naar binnen heb gezet kijk ik naar buiten en zie ik in een split second Suus haar hand op de opening en zie ik vertraagd de deksel dicht vallen. Een rilling trekt door me heen en ik sprint naar buiten. Als ik de klep open zie Suus in elkaar gedoken met een van pijn getrokken gezicht zitten. Pff dit zal toch niet, minimaal 15 uur varen naar land. Het stalen deksel niet licht, en erg puntig. Kan me bijna niet voorstellen dat ze niks heeft gebroken. De koude biertjes worden direct uit de koelkast gehaald als koeling en in eerste instantie lijkt het redelijk goed te gaan maar dan begint de pijn te komen. Gelukkig blijkt na de nacht dat ze haar hand nog redelijk kan bewegen en na aankomst in Faro en een bezoekje aan het ziekenhuis lijkt ze heel erg geluk gehad te hebben. Geen breukje, waarschijnlijk een kapsel of een spier die een grote klap heeft gehad maar geen gips. 20 uur later komen we aan in Faro en 5 uur later komen Suus haar ouders. We hebben het op een of andere manier weer geflikt. Just in time!

Biskaje oversteek

7 september:  Golf van biskaje 1e dag

Oceaan deining. We praatte er altijd over maar nu voelen we het echt. Hele lange en hoge golfen. Je lijkt tegen een muur van water te kijken, dan voel je Yndeleau iets omhoog komen en heel rustig tegen de want opklimmen. Dan helt ze iets om en zakt ze heel zachtjes weer naar beneden. Boven op de de golf kijk je naar de horizon en zie je dat je wel erg hoog vaart, onder in het dal kijk je juist omhoog terwijl je weinig het gevoel hebt dat je beweegt. Helaas is de wind gedraaid en komt de wind nu van achter waar hij eerst van de zijkant kwam. Daardoor komt de lange en hoge oceaandeining van opzij maar zijn er ook al korte golven ontstaan door de wind van achter. Het rustig op en neer klimmen wordt afgewisseld met kortere stijle klappen van achter. Zo wordt het op en neer klimmen op de lang besproken oceaan golven ook niet meer zo soepel maar rollen we van links naar rechts en kan niks meer op 1 plek blijven staan. – Piep – piep –  dan geeft de dieptemeter opeens 11 en daarna 5 meter aan. Suus en ik kijken elkaar aan. “Huh dat kan niet.” “Het zou hier overaal 100 tot 150 meter diep moeten zijn.” Suus duikt naar binnen en gelukkig bevestigen de kaarten dit. Als ze buiten komt geeft de meter 3 streepjes. Dat lijkt te betekenen dat hij geen connectie meer heeft. Suus kijkt meteen binnen even of er geen water in de bilge staat. Ik klik door de menu’s heen maar zo makkelijk krijgen we het niet. “Jur, geen paniek maar er staat flink wat water”. We duiken samen naar binnen terwijl we van links naar rechts geschud worden. Direct steek ik een vinger in het water en proef, een jaar geleden douchte ik 2 keer per dag en nu steek ik bijna elke dag wel een vinger met een onbekende vloeistof in mijn mond, wat verander je van zo’n boot zeg. “Wel wat zoutig maar niet puur zeewater, dat is positief”. Suus heeft ondertussen andere planken van de vloer open en ziet dat er ook onder de keuken een plasje ligt. Ik maak de ruimte waar de dieptemeter in zit kurkdroog om zo een goed meetpunt te hebben of het lekt en sluit dit compartiment af van de anderen zodat er geen water van andere compartimenten hierin kan komen. Suus komt met het slimme idee om er krijt omheen te tekenen, doordat het water het krijt oplost zie je meteen waar het vandaan komt. “Als we er om heen een rondje tekenen en dan van boven elke ruimte ook een streep weten we precies waar het water vandaan komt.” Terwijl ze de bilge bekrijt schroef ik het instrument open, hopende dat er misschien een draadje los zit. Terwijl ik de draadjes controleer en er af en er weer op wil zetten trek ik het pinnetje kapot. Nu is het echt gedaan voor nu. Boos en geïrriteerd draai ik het instrument niet werkend weer terug. Suus steekt haar hoofd met haar ogen al half dicht uit de kuip; “Lief, vind je het goed als ik even ga slapen, er is nog geen lekkage te zien?”, ik hoor mezelf “natuurlijk” antwoorden terwijl ik merk dat ik haar aanwezigheid nu juist even nodig heb. Terwijl Suus ligt te slapen eet ik mezelf 2 uur lang op, elk geluidje is weer nieuw en maakt me gespannen. Het vertrouwen in Yndeleau is duidelijk nog wankel. Ik twijfel over de mast, is die wel sterk genoeg, is de nieuwe verstaging wel goed gespannen en waar komt dat water toch vandaan? Als ik gestommel hoor en mijn uitgeruste vriendin naar buiten zie komen wordt ik al rustiger. 5 fminuten daarvoor kondigde een enkele dolfijn al een show aan en als Suus naar buiten Stapt, lopen we met z’n tweeën aangelijnd naar voren en gaan op het bootje genieten van de dansende en springende beesten. “Ik ben weer heel gespannen, zo’n moment van water in de bilge en het niet lukken van de dieptemeter doet mijn vertrouwen meteen wankelen.”, Suus luistert naar mijn ontboezeming. Wat is ze ook fantastisch, het lucht me meteen op. Het is ook logisch dat we vertrouwen op moeten doen in Yndeleau. Ze geniet duidelijk van onze reis maar heeft zo af en toe nog de behoefte zich nukkig en onwillig op te stellen. Ondanks dat tegenslagen mij harder uit het veld slaan dan in het begin hebben we wel beide het gevoel dat alle grillen van Yndeleau ons weer sterker maakt, het leert ons weer hoe we met haar maar ook met tegenslagen in het algemeen om moeten gaan.

 

 

8 september 2019: Golf van Biskaje 2e dag

“Suus, als je wakker bent moet je snel buiten komen”. 2 minuten daarvoor ben ik met het felle licht van mijn hoofdlamp de Genua aan het trimmen. Ik schrik en zie een donkere vlek in het water. Een snuif. Een plens water. Zou het dan de walvissen show zijn? Het is pikkedonker maar als ik naar het water een meter verder op kijk, zie ik meerdere witte vlekken in het water. Het ziet er erg onrustig uit met veel wit water, dan zie ik ook glinsterende visjes uit het water springen. Ik leg de genua vast en ga hoger staan zodat de reflectie in de roestvrijstalen zee-railing me niet verblind. Dan zie ik op centimeters van me vandaan een dolfijn uit het water breken. Glinsterende visjes proberen springend weg te komen. “Heel veel dolfijnen, en ze zijn aan het jagen lief!”. Samen kijken we naar schuimend water naast de boot. Met de grote schijnwerper schijnen we op het water en er zijn wel 30 dolfijnen aan het springen en tuimelen. Tot wel 50 meter verderop schieten steeds kleine zilveren glinsterende visjes uit het water om te ontsnappen aan de snuit van de dolfijn. “Zouden ze de boot gebruiken om de visjes klem te zetten?” Een half uur zitten we samen te genieten en dan is het tijd voor mijn slaapje.

We genieten van een ontbijtje halverwege de Golf van Biskaje. We zijn net het continentaal plat voorbij. Evenwijdig aan de kust van Frankrijk en Spanje zie je op ongeveer 60 km een diepte lijn lopen op de kaart. Hier gaat het water van 100 meter diep in één keer naar 4 kilometer diepte. Door deze muur onderwater is de Golf van Biskaje ook berucht. Met storm uit het zuidwesten kan de wind heel veel water tegen deze muur onderwater opduwen dat die boven water nog grotere en hele stijle onrustige golfen kan opwerpen. Gelukkig hebben wij een rustige noordwesten wind maar in de buurt van de muur wordt de golfslag erg onrustig en komt hij uit alle kanten. We zwabberen en rollen alle kanten op. Meerdere vissersschepen varen om ons heen met hun veel witte licht aan, omdat het donker is houd ik mijn hengel binnen maar droom wel van een lekkere tonijn. Maar de zon op is, de gennaker op staat en we eindelijk weer wat meer snelheid dan afgelopen twee nachtdiensten van 3 uur maken is het rustig en kalm en staat de vishengel weer uit. In de verte komt links snel een visserschip dichterbij en dit herinnert Suus aan onze 2e dag in het kanaal. 2 kleine scheepjes met meer dan 20 mensen aan boord. Het gaf ons een onheimelijk gevoel. Wat doe je als zo’n bootje je hulp vraagt? Nu voeren ze op een ruime afstand langs maar zonder AIS maar wat nou als ze stonden te zwaaien en te seinen. Hier zouden we er zeker naartoe varen en kijken wat we konden doen. Maar aan boord nemen betekent dat je medeplichtig bent behalve als je ze ook aangeeft bij de kustwacht. En wil je ze aangeven? Negeren en langsvaren is geen optie. En dit is de vertrouwde noordzee. Wat doe je in een Caribisch land? Of in de buurt van het beruchte Somalië? Wachtend op de Walvissen show denken we dit over. Ondanks dat we gemakkelijk zouden willen zeggen dat we natuurlijk meteen te hulp schieten weten we het niet. Rechts vaart een groot cruiseschip langs. Wat een verschil bestaat er toch ook. De een reist om te overleven, de ander reist om te leven.

Helaas moeten we nu echt. We zetten de motor aan. 2 uur lang is er al geen wind maar willen toch blijven zeilen. Klapperende zeilen en rollend over de golven die er zijn besluiten we toch om de motor aan te zetten. Beide zijn we erg gespannen over. Misschien hebben we daarom zo lang gewacht. De schroefasafdichting blijft een puntje. Elke 10 minuten meet ik de temperatuur. Hij blijft oplopen. Handwarm mag hij worden. We zitten inmiddels midden op de golf van Biskaje. Nogmaals check ik de temperatuur en hij is nu 37.2. Hij blijft nog een beetje lekker maar gelukkig blijft het bij een enkele druppel. 10 minuten later check ik nog een keer en is hij gezakt naar 36.4. “Wat zou dat fijn zijn als het nu is gelukt”. 10 minuten later is hij zelfs gezakt naar 35.9 en zo blijft hij een uur lang. Dan pas durven we de blijheid toe te laten. Een uur nadat we een biertje hebben geopend komen de dolfijnen ons een fijne nacht wensen en beginnen we onze eerste nachtdienst.

 

9 September: Golf van Biskaje 3e dag

“Lief, sorry dat ik je wakker maak. We kunnen de zeilen hijsen.” De hele nacht hebben we gemotord, en we hadden het niet verwacht, maar heerlijk geslapen bij het monotone gebrom van de motor. Samen hijsen we de zeilen en zetten de motor uit. Wat een stilte, heerlijk genieten we van het geluid van het stromende en klotsende water. Ik zet water op en neem een lekkere bak koffie terwijl Suus een kopje thee neemt. Daarna kruipt Suus nog even lekker in bed en is de dag zo begonnen. 3 schepen die we onderweg tegen komen vragen we via de radio om een weerbericht. Vreemd maar ze geven allemaal wat anders. Maar het lijkt in ieder geval duidelijk dat we wel flink wat wind krijgen vanavond. Tussen windkracht 4 en 5. Soms wat uitschieters naar windkracht 6. Na het avondeten begint het te waaien en we komen ook weer in de buurt van het continentaal plat. De plek waar de zee van 4 kilometer diepte naar 200 meter gaat. Je kunt je wel voorstellen dat dat best wat rare gevolgen kan hebben op de golfslag en het water. Al snel loopt de windmeter op naar een stabiele windkracht 6. De golven komen nu nog mooi stabiel van achter maar naar mate we dichter bij de overgang komen beginnen ze onrustig te worden. Ze komen nu van achter en van rechts en worden steeds groter. Terwijl we lekker rollen over de golven hebben we nog een aanvaringskoers met een 280 meter cargo schip. Via de radio horen we “We are motoring and you are Sailing. Just tell me what to do” Wij antwoorden met “Could you pass us starboard to starboard”. Dat betekent dat hij rechts van ons gaat passeren. En met een “Ok, I will tell my crew what to do” is dat gevaar ook geweken. Suus neemt de eerste slaap van de nacht terwijl we lekker rollen over de golven. Dan breekt er opeens een golf over de achterkant heen en rollen we tot halverwege de giek naar links. Ik kruip snel naar binnen en zet de nieuwe stormdeur die Suus haar vader nog last minute gemaakt heeft in de kajuit ingang. Ik ga achter het roer staan en probeer de boot goed met de kont naar de golven te houden. De windstuurinstallatie doet het perfect alleen kan niet inschatten dat er soms ook golven van de zijkant komen. De heftige nacht is begonnen. Suus komt een uur later helemaal gaar geschut naar buiten en komt bij me zitten. Ik ben voor de eerste keer bang. Wat een golven en brekers direct achter ons. Geen grote golven die regelmatig komen maar golven die uit alle kanten komen. Yndeleau vaart er enorm soepel doorheen maar haar bemanning moet echt nog even wennen. Na een uur lijkt het iets rustiger en Suus gaat nog even naar bed. Maar dan begint het weer en groeien de golven weer tot grote hoogte. Uiteindelijk wankel ik naar binnen en geef aan Suus aan dat ik echt even rust nodig heb. Ik val in slaap staand achter het roer en merk dat ik het niet meer aan kan. Suus die pas 4 jaar zeilt en nog nooit op zee had gezeild neemt dan het roer over. Ik blijf nog even in de kajuit zitten maar zie haar als een professional zeilen. Op een gegeven moment moet ik zelfs in bed gaan liggen van haar. Ongelooflijk hoe ze dit flikt. Hoe ze hier doorheen bijt maar als ik 2 uur later boven komen staat ze genietend deze uitdaging te trotseren.

 

10 september: Golf van Biskaje 4e dag

Land in zicht! Eindelijk zijn de golven een beetje afgenomen. Suus heeft nog 2 uurtjes kunnen slapen. Als Suus uit bed komt vinden we het tijd om ons gastland vlaggetje op te hangen. Wanneer je in een ander land bent is het gebruikelijk om uit respect een klein vlaggetje van het gast land te hijsen. Een bijzonder gevoel altijd. “Nu zijn we echt. Met onze eigen schip naar Spanje gevaren!”. Yndeleau gaat nog enorm van links naar rechts als Suus op het voordek de engelse vlag laat zakken en de Spaanse hijst. Terwijl we land in zicht hebben zijn we een beetje chagrijnig op elkaar. Het voelt onwerkelijk. Het slaap tekort en de eigen gedachten laat ons een beetje zeuren op elkaar. Daar moeten we later maar eens een Tapas en een Cerveza op drinken. De laatste vier uur neemt de wind af en het laatste uurtje motoren we La Coruna binnen.

We zijn vertrekkers!

23 -30 Augustus: Overtocht Scheveningen Falmouth

“Schat dolfijnen!” We zijn vandaag vertrokken uit Scheveningen en hebben net besloten dat we niet stoppen. Onze nieuwe oranje Gennaker staat op, het is rustig weer en we maken prima vooruitgang. We willen de noorden- en oostenwind gebruiken om het kanaal over te steken. In de verte zien we dolfijnen en 1 komt er steeds dichterbij. We stuiven naar voren om hem naar boven te zien komen vlak voor de boot, maar door onze enthousiaste schreeuw schikt ze en is het moment voorbij. Wauw, in een emotioneel moment staan we gearmd naar het water te kijken. Wat zeilt Yndeleau heerlijk. Wat doen wij het goed. En we hebben ook al 2 makrelen gevangen met ons makrelen plankje. We zijn vertrokken! Na onze laatste grote klus- en voorbereid etappe zijn we onderweg. De laatste loodjes waren echt het zwaarst maar nu zijn we officieel vertrekkes en varen we de zon tegemoet! 

“We zijn vertrekkers!”. Op naar de zon!

8 weken eerder:

“Pfff ook het onderwaterschip nog.” We kijken elkaar aan en denken hetzelfde. “Gaan we het afscheidsfeestje wel redden?”. “En als we het afscheidsfeestje niet redden lukt het dan wel om 2 weken later weg te gaan?”. Na mijn laatste werkdag hebben we de boot meteen over gevaren naar Makkum. Daar heeft Dick Koopmans een hellingproef gedaan om vast te stellen dat de boot goed uitgerust is. Zojuist hebben we het schip in Makkum uit het water gehaald. We waren er in Amsterdam namelijk al achter gekomen dat de romp en het dek opnieuw geschilderd moet worden. Zo moeilijk was dat ook niet, de verf liet in stukken los. Eén tussenlaag heeft niet goed gehecht.. Last minute hebben we besloten om de boot toch binnen te zetten en de mast er af te halen. Als de boot een half uurtje gedroogd heeft is het duidelijk dat dat een erg goed idee was. Het hele onderwaterschip zit vol met blazen. We geven elkaar niet de tijd om te sippen maar gaan meten aan de slag. Suus begint met schuurmachines regelen en ik probeer de werf waar we garantie hadden op het onderwaterschip te bereiken. Helaas lukt dat niet direct en blijkt het nog een hele opgave om dit uiteindelijk voor elkaar te krijgen.  Maar het laatste stadium is ingeslagen.

Op de derde dag zien we in de verte Engeland opdoemen; krijtrotsen en kastelen. Een fantastisch gezicht nadat we vannacht loodrecht de shippinglanes zijn overgestoken. We buigen linksaf richting het zuidwesten om zo in rustig vaarwater buiten de shippinglanes lekker afstanden af te leggen. Ik begin deze ochtend met het opschrijven van de dingen waar we achter zijn gekomen wat er nog gedaan moet worden. Een nieuw blok voor de gennaker, de leeflijnen verkorten, het rode licht binnen installeren (tegen nachtblindheid), wasbak afvoer fixen, de windvaanstuurinstallatie moet af, de dieptemeter vervangen en de as wordt te warm. Poeh, niet voor niets noemen ze vertrekken soms wel eens gekscherend “klussen op mooie bestemmingen”.

Na 6 dagen varen komen we aan in Falmouth. “Wauw, wat ziet het er geweldig uit!”

6 weken eerder:

Het is duidelijk dat deze verf klus geen 2 a 3 weken gaat duren. Uiteindelijk vinden we een fantastische verfexpert die ons helpt om de juiste keuze te maken over de verf. Wat waren we een amateurs een jaar geleden. We staan nu een uur te praten over epoxy, overschilderbaarheid, en wat we precies van de verf verwachten. Het is een erg goed idee om een echte verfspecialist te informeren. Laat hem ook je boot zien en vertel duidelijk wat je wilt. Een X-yacht glans en afwerking of mag hij iets minder glanzend zijn maar wel erg sterk? Jachtlakken hebben een mooiere glans maar zijn ook enorm veel duurder dan offshore/proffesionele producten. Daarentegen is glans in de gebieden waar wij naartoe gaan alleen maar pijnlijk voor de ogen. We breken toch ons reisbudget aan om de boot te laten spuiten. Al het voorbereidende werk doen we zelf maar tegen een professional die in 3 uur om de boot heen loopt en 1 a 2 rol lagen zet kunnen we qua snelheid niet op. Maar eerst moeten de oude lagen er allemaal afgeschuurd en moet alles van het dek geschroefd.

“I’m changing to starboard and pass you at your stern”. Het is ongelooflijk hoeveel aanvaringskoersen je kunt hebben in 8 uur tijd.  Meerdere schepen zonder AIS, 2 vissersschepen die rare bewegingen maken en niet reageerde op de marifoon.  Daarentegen als je in de AIS Cargo, tanker of container ziet staan krijg je een onwijs opgewekte “Hallo Sir” en “I’m changing to starboard and pass you at your stern”, “ have a good watch, sir. Ongelooflijk dat een tanker van meer dan 250 meter lengte even zijn koers verlegd voor ons kleine pleziervaartuig. Ondanks de medewerking van deze kapiteins betekent deze enorm donkere nacht in een druk stuk Kanaal slechte slaap. Omdat we moeten kruizen is navigeren erg lastig. Wat een onwijze stroming staat er toch in dit stukje Kanaal. We varen meermaals stukken opnieuw en zijn regelmatig na 6 uur tegenstroom op hetzelfde punt aanbeland. Met de meestroom pakken we daarentegen weer goede snelheid. Het stuk van Wight naar Falmouth wat in een rechte lijn 130 mijl is doen wij in een 280 mijl afgelegde weg. Gelukkig hebben we wel goede wind. Al is hij uit de minst gunstigste richting de kracht maakt het goed. Regelmatig meer dan 20 knopen en we blazen met een dubbel rif over de golfen heen. Echt wat anders dan de dagen daarvoor waar we soms achteruit dobberde met onze gennaker omdat we de motor niet aan wilden zetten.

 

(Hierboven kun je zien hoe onze AIS er uit ziet op de kaart. Het rode “bootje” zijn wij. De driehoekjes zijn andere “targets”. Dit zijn meestal schepen maar kunnen ook boeien of olieplatformen zijn. Het zijn andere uitzendende stations. Onze computer geeft er ook een snelheid en een richting aan zodat we kunnen zien of we dicht bij ze in de buurt komen. Het onderste driehoekje is rood geworden. Dat betekent dat hij in de buurt komt en we moeten opletten of het goed gaat.)

 

4 weken eerder:

Het hele schip is gespoten. Het is nog 1,5 week tot ons afscheidsfeestje. We hoeven alleen nog maar antislip en alles weer op het de schroeven en kitten. We vergeten op dat moment dat we ook nog alles moeten opruimen. We werken dag en nacht, letterlijk. Maar de nacht voor ons afscheidsfeest zijn we terug in Amsterdam. S ochtends vroeg staan de hulptroepen klaar om het afscheidsfeestje voor te bereiden, de lange reis die we voor de boeg hebben en het bloed zweet en tranen dat we al in onze reis hebben zitten creëert zoveel bijzondere momenten en het laat ons zien hoe bijzonder en mooi hulp van andere mensen is.

Stinkend als twee bunzingen na 6 dagen niet douchen zitten we aan ons ontbijt. We zijn beide bijgekomen van de heftig laatste nacht. Donker, veel wind, onrustige zee en erg veel verkeer gaf ons beide een onrustig gevoel. Suus die haar eerste 5 nachten op zee zit heeft voor de eerste keer een gevoel van minder controle. Ongelooflijk wat ze doet en hoeveel ze leert alweer in deze eerste dagen. Zij is het die aangeeft door te willen gaan, we zitten er ondanks onze wat muffige geur en de mindere laatste nacht hartstikke goed in en genieten van op het water zijn. We leren duidelijk dat we ons goed aan de wachten moeten houden. Het is erg verleidelijk om de ander of jezelf nog een half uurtje extra slaap te geven, of nog even te helpen navigeren als je wacht er op zit. Maar dan zijn we pas om 2 uur middags klaar met onze slaapjes en kunnen we alweer opnieuw beginnen.

 

8 dagen eerder:

Huilend staan we beide achter ons te kijken. In de verte zien we vrienden en familie die ons zijn komen uitzwaaien in Amsterdam. “Doe voorzichtig” en “kom veilig terug” wordt er vaak gezegd. Pas als we achterom kijken realiseer ik het me ook echt. We hebben het gewoon gedaan, maar tegelijkertijd ook “ waar zijn we mee begonnen” en “wat doen we onze dierbaren daar op de kade aan”?

 

Huilend staan we samen te kijken naar alle mensen die ons zijn komen uitzwaaien in Amsterdam. “Wat doen we onze dierbaren daar op de kade aan”? 

Maar dan doemt daar 8 dagen later de ingang van Falmouth op. Links en rechts een kasteel. “Wauw schat, we hebben het gehaald”. De eerste tocht en afstand is gemaakt! Na een goede slaaprust, pizza en mosselen bij de lokale pub starten we de volgende dag met klussen. De schroefas is na een dag  opnieuw uitgelijnt maar het meest spannende is het “Drying against the wall”. Met onze 19 ton gaan we doormiddel van het grote verschil tussen eb en vloed tegen de muur droog vallen. Kort door de bocht betekent het dat we ons goed vast binden tegen een kade en dan wachten op laag water. Het verschil tussen laag en hoog water is 5 meter hier en daardoor komen we na 2.5 uur ongeveer op de modder te staan en kunnen we bij de dieptemeter: “Ok we hebben nu officieel een gat in de romp lief!”. Ik haal de oude dieptemeter uit de romp. Dat betekent dat er nu een gat zit op de plek waar hij eerst zat. Als we nu binnen 4 uur niet de nieuwe er in krijgen hebben we een groot probleem. Dan komt het water alweer… “Niet aan denken, de voorbereiding was perfect, nu door!” denk ik. Gelukkig ziet het gat er hartstikke mooi uit. Geen roest en een mooi rond gat zonder rare hoekjes. Rustig begin ik emt schoonmaken en weer helemaal strak maken. De nieuwe past er perfect in en met een totale overdaad aan kit lijmen we de nieuwe er in. Na een half uur staan we eigenlijk al weer onrustig te wachten tot het water komt. De nieuwe zit er in en nu is de vraag of we waterdicht zijn…

 

De start van “Drying out against the wall”. Terugkijkend was dit een ongelooflijk mooi plaatje, op dat moment hebben we enkel en alleen de spanning en de onrust gevoeld.

Klaarmaken voor Vertrek – Zeilen augustus 2019

Jurre wrote a lovely article for the Dutch magazine Zeilen about all the preparations of the last year. It was published in the August 2019-edition. It’s in Dutch, if we find the time, we’ll translate it and share the English version as well. Or if someone feels really bored; feel free to help us with a translation 😉

For all those Dutchies out there: enjoy the article!

Zeilen augustus 2019 – Klaarmaken voor vertrek

Laatste loodjes voor een leefbare boot

“Dank voor het helpen Herman”. Daar gaat mijn schoonvader en broer met een auto vol met onze ‘bewaarspullen’. Spullen die we niet verkopen of weggeven. Ons huis wordt steeds leger en leger. Alle laatste spullen staan op Marktplaats. Wat een heerlijk maar ook beangstigend gevoel om alles weg te doen. Mijn moeder doet nog een duit in het zakje: “Weet je zeker dat jullie je bed en bank willen verkopen?  Jullie hebt straks helemaal niks meer als jullie terug komen”. Maar volhardend geloven we dat het juist een heerlijk gevoel geeft om zoveel mogelijk te verkopen en niet alles deze lange tijd te gaan opslaan.

Binnenkort moeten we leven op Yndeleau. Op dit moment ligt de vloer er nog uit, is het drinkwater en de afvoer niet aangesloten in de keuken en ligt de gehele “natte cel” open. Deze ruimte waar de wc en de douche zit lag tijdens onze eerste tocht vol met de inhoud van de vuilwatertank. Om dit in de toekomst te voorkomen hebben we een volledige nieuwe aansluiting en afvoer uitgetekend en de laatste hand zal dit weekend gelegd worden. Suus gaat dit weekend de laatste hand leggen aan de vloer. We hebben de nieuwe vloerplaten allemaal bedekt met een fantastische HPL toplaag van Bootvloeren.nl. Wat een verschil met het laminaat en de oude, met olie doordrengde platen. Wat een heerlijk gevoel om daar straks ‘s ochtends overheen te lopen met je bloten voeten. Het nieuwe Hi-Macs aanrechtblad is helemaal af en de nieuwe koelkast is klaar om flink wat expoxylagen te krijgen. De automatische LED verlichting en de temperatuursensor maken de upgrade van de koelkast af, kom maar op met dat gekoelde bier. Als we het halen komt het nieuwe filtersysteem voor het drinkwater er al in. Dan kunnen we naast het filteren van bacterien ook de zware metalen uit het water zodat we 99,9% veilig drinkwater hebben. Onze 3-weg kraan maakt de upgrade van de kombuis (de keuken) helemaal af. Hierbij zijn er 3 aansluitingen; warm water uit de boiler, koud water bacterieel gefilterd (douche/was water) en koud water volledig gefilterd (drinkwater). En dit komt allemaal uit 1 kraanpunt!

De laatste loodjes zodat de boot weer leefbaar is en we ons flink uitgedunde eigendom kunnen verhuizen naar Amsterdam Noord. Spannend, maar ook een flinke stap naar ons vertrek!

7 lessons learned on the Vertrekkersdag 2018

This blog is in Dutch only (for now). 

“Ik verloor bijna m’n been. Het begon met een klein sneetje in m’n voet, en voordat ik het wist moest ik onder het mes.” De zaal hangt aan de lippen van zeiler Co Zwetsloot tijdens de Vertrekkersdag 2018 in Eemnes. “Spoel nooit een wondje uit met zeewater, want dat zit vol bacteriën”. Deze tip staat in mijn geheugen gegrift. Jurre en ik en onze Yndeleau, een Van de Stadt 44, vertrekken komend jaar voor onbepaalde tijd. Jurre is het zeilen met de paplepel ingegoten, voor mij is er nog heel wat te leren. We bezochten de Vertrekkersdag om ons zo goed mogelijk voor te bereiden op onze grote reis. Lees onze 7 lessen op Zeilen.nl

See Zeilen.nl for the entire blog!

“I’m bald, so I’ll sail South”

English translation below!

Elke winter weer trekken we dikke truien aan, lange warme broeken en liggen we binnen onder een dekentje Netflix te kijken. We stappen de deur niet uit zonder een dikke jas, een stel handschoenen en draperen ook nog een sjaal in ons nek om alle tocht tegen te gaan die ons eventueel een snifje kan opleveren.

En dan neemt ouder worden ook nog happen uit ons enige bedekte stukje lichaam. In het midden van ons hoofd, precies op de plek van de hersenen die verantwoordelijk zijn voor “complexe bewegingen” houden wij mannen rond ons 40e helemaal geen bescherming meer over. Wat is dat met mensen dat we denken dat we hartstikke slim zijn?

Hebben jullie ooit de stadsmerel een jas zien aantrekken? De vos een stelletje wanten uit zijn zak zien pakken? Of een hond (zelf) een jas zien aantrekken? Dat we dankzij Eva en haar trek in een appel, een broek aanmoeten over onze gevoelige delen snap ik nog wel. Maar dat we van de circa 5000 zoogdieren op aarde nou 1 van de 11 moeten zijn die haarloos zijn? En dan te bedenken dat dolfijnen, walrussen, dolfijnen, zeekoeien en walvissen ook nog in zee leven… Dat is de enige plek waar het logisch is dat we kaal zijn, of bijvoorbeeld op de Savanne (de olifant) of als we lekker in de modder liggen (varkens).

Ik kies er maar voor om naar de Carieb te varen, heerlijk warm en zonnig, daar smeer ik me graag een keertje extra voor in en daar ben ik blij om kaal te zijn. Want hoe vervelend is het om een duik te nemen met een volle vacht. Bovendien vind ik mijn vriendin toch wel sexier zonder een dikke bontkraag…

Brace yourself … the winter is coming! Every winter we pull on thick sweaters, long warm trousers and we curl up under a blanket to watch Netflix. We don’t go out without a big coat and we’re sure to top it all of with a scarf to minimize the risk of a tiny cold.

And as a man you have an extra challenge. The older we become, the less armed we are against cold. In the middle of our head, exactly above that part of the brain that is responsible for “complex movements”, we have (or had) natural protection: hair. Why is Mother Nature so harse for men in this regard?

Have you ever seen the city blackbird put on a wintercoat? Or a fox grabbing a bunch of mittens from his pocket? Or see a dog putting on a jacket? I can understand that with Eve eating the apple, we had to cover up ourselves a bit and become a bit more decent… But why do we, men, just belong to the 0.2% mammals on earth that are (partially) hairless? And to think that dolphins, walruses, dolphins, manatees and whales also live in the sea … That is the only place where it actually makes sense to be bald or maybe on the Savannah (the elephant) of mud (pigs).

I choose to sail to Caribbean, wonderfully warm and sunny, I don’t mind putting sunblock on and be okay with my bald-ness. How annoying it would be to take a dive with a full coat on… Furthermore, I find my girlfriend a whole lot sexier without a thick fur coat!

But first… a new engine

From kiteboard to a 44 footer

On September 1st 2018, we were featured in the magazine Waterkampioen by the ANWB. We’ve translated the article so everybody can enjoy the interview we’ve had. Thanks a lot, Erik van den Berg (interview) and Dirk Jansen (photos). See the Dutch article-photo down below!

When Suzanne and Jurre met 3 years ago, she was a kitesurfer and he a sailor. She taught him to surf, he taught her to sail. Together they bought their first boat: a 44ft Van de Stadt. The kiteboards will be joining them on board.

Jurre: “Suzanne windsurfed a lot and took on kitesurfing later on. I learned to sail in a Optimist and sailed with my parents from a very young age on several boats. Over the past few years, we got to use the Bavaria 38ft of my parents. We sailed on the Frisian lakes and to de Wadden (a set of beautiful islands in the North of the Netherlands). Suzanne taught me to kitesurf and we take our kitesurf gear with us wherever we go, resulting in just perfect holidays. We have been living together for over 2 years now and we work fulltime.

We wanted our own boat, so our search began. At first, we were looking for quite a young ship, nothing too big. But when we saw this Van de Stadt online, we both thought ‘this boat would be perfect, it checks all boxes’.

“This boat would be perfect, it checks all boxes”.

This boat was quite big, it had many features which would allow us to sail long distance, exactly what we were looking for. Before we can go on our long-dreamed-of adventures, there’s a lot of work to be done. The previous owner told us that the engine needed replacement, along with other repairs.

Before the deal was made official, the boat was towed to a nearby wharf to check the underwater ship. That was quite a scary first adventure, crossing the Westerschelde which is quite a busy shipping lane.

Once the deal was made and we had the boat on the wharf, the refit began. The waste tank was completely full, such a nice surprise, so I had to empty it with buckets… Well, this is how you get to know your ship!

We’re hoping to have a nice holiday aboard this summer. And we’ll take her out for longer journeys later on, but we’re still unsure about when we’ll be leaving…”