23 -30 Augustus: Overtocht Scheveningen Falmouth

“Schat dolfijnen!” We zijn vandaag vertrokken uit Scheveningen en hebben net besloten dat we niet stoppen. Onze nieuwe oranje Gennaker staat op, het is rustig weer en we maken prima vooruitgang. We willen de noorden- en oostenwind gebruiken om het kanaal over te steken. In de verte zien we dolfijnen en 1 komt er steeds dichterbij. We stuiven naar voren om hem naar boven te zien komen vlak voor de boot, maar door onze enthousiaste schreeuw schikt ze en is het moment voorbij. Wauw, in een emotioneel moment staan we gearmd naar het water te kijken. Wat zeilt Yndeleau heerlijk. Wat doen wij het goed. En we hebben ook al 2 makrelen gevangen met ons makrelen plankje. We zijn vertrokken! Na onze laatste grote klus- en voorbereid etappe zijn we onderweg. De laatste loodjes waren echt het zwaarst maar nu zijn we officieel vertrekkes en varen we de zon tegemoet! 

“We zijn vertrekkers!”. Op naar de zon!

8 weken eerder:

“Pfff ook het onderwaterschip nog.” We kijken elkaar aan en denken hetzelfde. “Gaan we het afscheidsfeestje wel redden?”. “En als we het afscheidsfeestje niet redden lukt het dan wel om 2 weken later weg te gaan?”. Na mijn laatste werkdag hebben we de boot meteen over gevaren naar Makkum. Daar heeft Dick Koopmans een hellingproef gedaan om vast te stellen dat de boot goed uitgerust is. Zojuist hebben we het schip in Makkum uit het water gehaald. We waren er in Amsterdam namelijk al achter gekomen dat de romp en het dek opnieuw geschilderd moet worden. Zo moeilijk was dat ook niet, de verf liet in stukken los. Eén tussenlaag heeft niet goed gehecht.. Last minute hebben we besloten om de boot toch binnen te zetten en de mast er af te halen. Als de boot een half uurtje gedroogd heeft is het duidelijk dat dat een erg goed idee was. Het hele onderwaterschip zit vol met blazen. We geven elkaar niet de tijd om te sippen maar gaan meten aan de slag. Suus begint met schuurmachines regelen en ik probeer de werf waar we garantie hadden op het onderwaterschip te bereiken. Helaas lukt dat niet direct en blijkt het nog een hele opgave om dit uiteindelijk voor elkaar te krijgen.  Maar het laatste stadium is ingeslagen.

Op de derde dag zien we in de verte Engeland opdoemen; krijtrotsen en kastelen. Een fantastisch gezicht nadat we vannacht loodrecht de shippinglanes zijn overgestoken. We buigen linksaf richting het zuidwesten om zo in rustig vaarwater buiten de shippinglanes lekker afstanden af te leggen. Ik begin deze ochtend met het opschrijven van de dingen waar we achter zijn gekomen wat er nog gedaan moet worden. Een nieuw blok voor de gennaker, de leeflijnen verkorten, het rode licht binnen installeren (tegen nachtblindheid), wasbak afvoer fixen, de windvaanstuurinstallatie moet af, de dieptemeter vervangen en de as wordt te warm. Poeh, niet voor niets noemen ze vertrekken soms wel eens gekscherend “klussen op mooie bestemmingen”.

Na 6 dagen varen komen we aan in Falmouth. “Wauw, wat ziet het er geweldig uit!”

6 weken eerder:

Het is duidelijk dat deze verf klus geen 2 a 3 weken gaat duren. Uiteindelijk vinden we een fantastische verfexpert die ons helpt om de juiste keuze te maken over de verf. Wat waren we een amateurs een jaar geleden. We staan nu een uur te praten over epoxy, overschilderbaarheid, en wat we precies van de verf verwachten. Het is een erg goed idee om een echte verfspecialist te informeren. Laat hem ook je boot zien en vertel duidelijk wat je wilt. Een X-yacht glans en afwerking of mag hij iets minder glanzend zijn maar wel erg sterk? Jachtlakken hebben een mooiere glans maar zijn ook enorm veel duurder dan offshore/proffesionele producten. Daarentegen is glans in de gebieden waar wij naartoe gaan alleen maar pijnlijk voor de ogen. We breken toch ons reisbudget aan om de boot te laten spuiten. Al het voorbereidende werk doen we zelf maar tegen een professional die in 3 uur om de boot heen loopt en 1 a 2 rol lagen zet kunnen we qua snelheid niet op. Maar eerst moeten de oude lagen er allemaal afgeschuurd en moet alles van het dek geschroefd.

“I’m changing to starboard and pass you at your stern”. Het is ongelooflijk hoeveel aanvaringskoersen je kunt hebben in 8 uur tijd.  Meerdere schepen zonder AIS, 2 vissersschepen die rare bewegingen maken en niet reageerde op de marifoon.  Daarentegen als je in de AIS Cargo, tanker of container ziet staan krijg je een onwijs opgewekte “Hallo Sir” en “I’m changing to starboard and pass you at your stern”, “ have a good watch, sir. Ongelooflijk dat een tanker van meer dan 250 meter lengte even zijn koers verlegd voor ons kleine pleziervaartuig. Ondanks de medewerking van deze kapiteins betekent deze enorm donkere nacht in een druk stuk Kanaal slechte slaap. Omdat we moeten kruizen is navigeren erg lastig. Wat een onwijze stroming staat er toch in dit stukje Kanaal. We varen meermaals stukken opnieuw en zijn regelmatig na 6 uur tegenstroom op hetzelfde punt aanbeland. Met de meestroom pakken we daarentegen weer goede snelheid. Het stuk van Wight naar Falmouth wat in een rechte lijn 130 mijl is doen wij in een 280 mijl afgelegde weg. Gelukkig hebben we wel goede wind. Al is hij uit de minst gunstigste richting de kracht maakt het goed. Regelmatig meer dan 20 knopen en we blazen met een dubbel rif over de golfen heen. Echt wat anders dan de dagen daarvoor waar we soms achteruit dobberde met onze gennaker omdat we de motor niet aan wilden zetten.

 

(Hierboven kun je zien hoe onze AIS er uit ziet op de kaart. Het rode “bootje” zijn wij. De driehoekjes zijn andere “targets”. Dit zijn meestal schepen maar kunnen ook boeien of olieplatformen zijn. Het zijn andere uitzendende stations. Onze computer geeft er ook een snelheid en een richting aan zodat we kunnen zien of we dicht bij ze in de buurt komen. Het onderste driehoekje is rood geworden. Dat betekent dat hij in de buurt komt en we moeten opletten of het goed gaat.)

 

4 weken eerder:

Het hele schip is gespoten. Het is nog 1,5 week tot ons afscheidsfeestje. We hoeven alleen nog maar antislip en alles weer op het de schroeven en kitten. We vergeten op dat moment dat we ook nog alles moeten opruimen. We werken dag en nacht, letterlijk. Maar de nacht voor ons afscheidsfeest zijn we terug in Amsterdam. S ochtends vroeg staan de hulptroepen klaar om het afscheidsfeestje voor te bereiden, de lange reis die we voor de boeg hebben en het bloed zweet en tranen dat we al in onze reis hebben zitten creëert zoveel bijzondere momenten en het laat ons zien hoe bijzonder en mooi hulp van andere mensen is.

Stinkend als twee bunzingen na 6 dagen niet douchen zitten we aan ons ontbijt. We zijn beide bijgekomen van de heftig laatste nacht. Donker, veel wind, onrustige zee en erg veel verkeer gaf ons beide een onrustig gevoel. Suus die haar eerste 5 nachten op zee zit heeft voor de eerste keer een gevoel van minder controle. Ongelooflijk wat ze doet en hoeveel ze leert alweer in deze eerste dagen. Zij is het die aangeeft door te willen gaan, we zitten er ondanks onze wat muffige geur en de mindere laatste nacht hartstikke goed in en genieten van op het water zijn. We leren duidelijk dat we ons goed aan de wachten moeten houden. Het is erg verleidelijk om de ander of jezelf nog een half uurtje extra slaap te geven, of nog even te helpen navigeren als je wacht er op zit. Maar dan zijn we pas om 2 uur middags klaar met onze slaapjes en kunnen we alweer opnieuw beginnen.

 

8 dagen eerder:

Huilend staan we beide achter ons te kijken. In de verte zien we vrienden en familie die ons zijn komen uitzwaaien in Amsterdam. “Doe voorzichtig” en “kom veilig terug” wordt er vaak gezegd. Pas als we achterom kijken realiseer ik het me ook echt. We hebben het gewoon gedaan, maar tegelijkertijd ook “ waar zijn we mee begonnen” en “wat doen we onze dierbaren daar op de kade aan”?

 

Huilend staan we samen te kijken naar alle mensen die ons zijn komen uitzwaaien in Amsterdam. “Wat doen we onze dierbaren daar op de kade aan”? 

Maar dan doemt daar 8 dagen later de ingang van Falmouth op. Links en rechts een kasteel. “Wauw schat, we hebben het gehaald”. De eerste tocht en afstand is gemaakt! Na een goede slaaprust, pizza en mosselen bij de lokale pub starten we de volgende dag met klussen. De schroefas is na een dag  opnieuw uitgelijnt maar het meest spannende is het “Drying against the wall”. Met onze 19 ton gaan we doormiddel van het grote verschil tussen eb en vloed tegen de muur droog vallen. Kort door de bocht betekent het dat we ons goed vast binden tegen een kade en dan wachten op laag water. Het verschil tussen laag en hoog water is 5 meter hier en daardoor komen we na 2.5 uur ongeveer op de modder te staan en kunnen we bij de dieptemeter: “Ok we hebben nu officieel een gat in de romp lief!”. Ik haal de oude dieptemeter uit de romp. Dat betekent dat er nu een gat zit op de plek waar hij eerst zat. Als we nu binnen 4 uur niet de nieuwe er in krijgen hebben we een groot probleem. Dan komt het water alweer… “Niet aan denken, de voorbereiding was perfect, nu door!” denk ik. Gelukkig ziet het gat er hartstikke mooi uit. Geen roest en een mooi rond gat zonder rare hoekjes. Rustig begin ik emt schoonmaken en weer helemaal strak maken. De nieuwe past er perfect in en met een totale overdaad aan kit lijmen we de nieuwe er in. Na een half uur staan we eigenlijk al weer onrustig te wachten tot het water komt. De nieuwe zit er in en nu is de vraag of we waterdicht zijn…

 

De start van “Drying out against the wall”. Terugkijkend was dit een ongelooflijk mooi plaatje, op dat moment hebben we enkel en alleen de spanning en de onrust gevoeld.