Eerste zeiltocht na 110 dagen in lockdown!

BOINK. BOINK. Suus en ik kijken elkaar geschrokken aan. De golven bewegen ons heel rustig een flink eind omhoog en daarna weer naar beneden. Waar de dieptemeter op het hoogste punt 4.5 meter aangeeft, raken we als de we in het dal van de golf zijn, heel zachtjes de grond. Gelukkig is het een zandbodem maar we moeten hier snel weg!

Het is alweer 4 weken geleden dat ik voor de laatste keer wat schreef. De operatie is goed gegaan. De ruggenprik deed z’n werk niet helemaal goed, daarom ben ik uiteindelijk onder narcose gebracht. Na 25 minuten opende ik m’n ogen op de uitslaapkamer. Kort daarna kon ik alweer lekker naar de boot. De 3 weken die volgden stonden in het teken van revalideren, hard trainen en weer kracht in de knie krijgen. Het is bijzonder om te merken dat ook mijn andere been erg veel kracht kwijt is geraakt. De lock-down op een kleine ruimte op de boot en daarna het weinige bewegen in verband met mijn meniscus heeft toch veel impact gehad. Verder hebben we in die 3 weken gewerkt en wat kleine klussen gedaan om de boot in goede conditie te houden. Nu is er echt weer wat te vertellen, want we hebben onze reis weer opgepakt nu de lockdown regels wat versoepelen. 

Nadat we de boot hebben afgeladen met voorraad, we de was hebben gedaan en water hebben geladen, verlaten we samen met zeilboot Zoma, een bevriende Deense boot, het gebied waar we meer dan 110 dagen hebben gelegen. We varen eindelijk richting de horizon die ons zo lang heeft geroepen. Met bijna 20 knopen wind varen we scherp aan de wind om de zuidelijke hoek van het eiland heen. De golven zijn weer terug, het water bruist, en af en toe steekt er een dolfijn zijn hoofd boven het water. We zijn op weg naar het oosten van Martinique. Een kust waar de wind altijd waait, waar de oceaangolven stuk slaan op het rif. De condities zijn vrij ruig, en weinig mensen varen hier naartoe. Met goede uitleg en voorbereiding is het heel prima te doen. 

> Samen met Deense vrienden, de Zoma, varen we de horizon tegemoet, 

^ Wat een heerlijk tochtje.

“Wow, did you pick up a line as well?” Via de marifoon roept de Zoma ons op. Ze zien ons het roer omgooien en 90 graden afvallen. Een lange rij boeien met een lijn er tussen ligt op ons pad. De hele tocht moeten we heel goed opletten of we kleine witte visboeitjes zien. Sommige vissers plaatsen een rij van 8 boeitjes over een afstand van 50 a 100 meter met daartussen een lijn. Waarom ze dat doen, mag Joost weten, maar als je erdoorheen vaart blijft die lijn achter je kiel, roer of nog vervelender, je schroef zitten. “Hmm, it seems we cannot get it out”. Wij sturen gelukkig net op tijd om deze boeitjes heen, maar de Zoma heeft een kilometer achter ons wel een lijn opgepikt. Hij zit zo vast om de schroef dat ze het water in moeten om de lijn er uit te krijgen. We varen gezamenlijk verder weg van de kust en Jonas duikt het water in om de lijn er uit te halen. Als het gelukt is besluiten we terug te varen en daar bij te komen van deze ervaring. 

Een dag later vertrekken we naar Vauclin, volgens de verhalen een goed beschutte baai aan de oostkant. In de Carieb komt de wind altijd het oosten. Daardoor heb je op alle eilanden een wind kant en een beschutte kant. De meeste ankerplekken zijn aan de beschutte kant, de west kant. De wind staat namelijk vol op de oostkust en je kunt je voorstellen dat dat erg ruw kan zijn, niet fijn om daar voor anker te liggen. Martinique heeft echter riffen die net een meter onder de oppervlakte liggen, en een natuurlijke barierre zijn die de grote golven verzwakken. Als je goed de weg weet, kun je achter deze riffen vaak heerlijk rustig liggen terwijl je de golven dichtbij met veel lawaai hoort en ziet breken. We willen zo dicht mogelijk tegen het rif aan liggen om zo min mogelijk deining te hebben. Maar als we te dichtbij komen gaat het mis. BOINK! De hele boot trilt. Ondanks dat onze kaarten 4 meter diepte aangeven en we heel zachtjes de zandbodem raken, geeft de 20.000 kilo van Yndeleau toch een behoorlijke dreun. De motor in zijn achteruit en snel weg hier! Na 2 kleine bonken zijn we er weer weg en varen we nu achter de Zoma aan naar een ander deel. Zij steken 40 centimeter minder diep dan wij, dus we houden exact hun afgelegde weg aan en hebben continue contact met hen om te horen wat hun dieptemeter voor diepte aangeeft. Kort daarna liggen we veilig voor anker, maar wel met 2 meter hoge golven… dat hadden we niet helemaal verwacht! 

^ We liggen nu heerlijk rustig op een prachtig plekje. Enige nadeel is de geur… Sargossa wier is een groot probleem in de gehele oostelijke Carieb.

Een onrustig nachtje laat ons vroeg opstaan om naar Francois te varen. Hier ligt achter 3 riffen en een paar kleine eilandjes, een soort binnenmeer. Zonder problemen varen we hier na een heerlijke tocht binnen en ankeren op een idyllisch plekje. Helaas zonder helder water en met een vreemde rotte eieren geur in de lucht…

Sargossa wier is een groot probleem in de hele Carieb. Het zeewier drijft normaal alleen in het midden van de oceaan, we kwamen dit al veel tegen tijdens onze oversteek, maar door de opwarming van het water en de pesticide die in veel veeteeld wordt gebruikt, groeit het uit tot een grote plaag. Het is zo erg dat de oostkust van veel eilanden volligt met zeewier en de prachtige stranden worden overspoelt met dit spul. Lelijk, maar het grootste nadeel is dat dit gaat rotten. Rotte eieren zijn er niks bij. Je kunt er zelfs ziek van worden… Gelukkig verschilt de stank per dag door het verschil in windrichting, en is onze eerste dag hier de enige waarbij het echt op de boot ook een probleem is. 

De eerste dag worden we meteen uitgenodigd door 2 vissers om bij hun thuis wat te komen drinken. We leren de echte lokale ‘Ti Punch te maken en hebben prachtige gesprekken over het leven in Martinique. De westkant van Martinique is overvol met boten en zeilers, maar hier, maar een klein stukje verderop, vinden we rust en een ongekende vriendelijkheid.

Om ons heen horen we steeds meer geluiden dat landen om Martinique heen open gaan. De hele wereld lijkt weer een stuk vriendelijker. Onze reis lijkt nu echt weer opgepakt te kunnen worden!

Maandag onder het mes!

“Knak.” Terwijl we een verjaardag vieren en ik een klein sprongetje maak, hoor ik iets knappen in mijn knie. “Dit moet iedereen wel bijna gehoord hebben” denk ik bij mezelf, maar als ik opkijk zie ik iedereen nog doorgaan met waar ze mee bezig waren. Heel rustig ga ik zitten, alsof het er allemaal bij hoort. Ik wil me niet laten kennen maar inmiddels staan de tranen me nader dan het feestvieren, een enorme domper op deze prachtige avond.

> Om afstand te houden doen we een verjaardagsborrel vanuit de bijboot. Een paar borreltjes later stonden we te dansen in de bootjes, wat mijn knie een slecht idee bleek te vinden.

Twee keer eerder ben ik aan mijn meniscus geopereerd, aan de andere knie. Ik herken meteen de pijn, maar het zal toch niet…? Tien dagen later zijn de klachten onverminderd, die door een zwelling wel weg zouden moeten zijn. Twee bevriende zeilende doktoren kijken ernaar en komen snel tot verdenking van de meniscus. We besluiten direct actie te ondernemen. Maar hoe doe je dat, tijdens corona tijd? We bellen op advies het noodnummer en met ons gebrekkige Frans worden we doorverwezen naar het dichtstbijzijnde kleine ziekenhuis. Daar worden we in de hal geholpen door een dokter die ook bij ons in de baai voor anker blijkt te liggen. Hij stuurt ons direct door naar het Universitair Medisch Centrum in Fort de France, bijna een uur met de taxi.

< Foto links; Legertent bij de ingang voor Corona controle. Rechts: Geholpen in 1 grote ruimte. 

Na enkele uren lig ik in een zaal waar ook mensen gehecht worden, iemand wordt binnen gereden die gereanimeerd wordt. De Eerste Hulp is door Covid-19  helemaal anders ingericht en het is heftig te zien hoe mensen hier met echt heftige problemen liggen. Zo’n knie valt echt wel mee. En al met al lijkt de zorg hier hartstikke goed.

Een aantal dagen met vele vruchteloze belsessies met een Franse bevriende boot en veel administratieve rompslomp verder gaat het dan eindelijk opeens heel snel. We besluiten een privé kliniek te bellen en binnen no time hebben we een afspraak voor de MRI en mag ik zelfs direct de orthopeed zien. Komende maandag word ik al geopereerd. Omdat het orkaanseizoen hier begonnen is, is het erg fijn dat ik zo snel mogelijk nu weer op de been ben.

In de tussentijd is Martinique weer wat meer open gegaan. We mogen nu van de boot af zonder een formulier en winkels gaan steeds meer open. We kunnen ook een auto huren om naar het ziekenhuis te gaan en ook een beetje het eiland te verkennen. Samen met twee Nederlandse boten maken we een prachtige tour over het eiland en voelt het weer als reizen. De verlaten dorpjes blijven ons toch herinneren aan de wereldwijde chaos. Het voelt vreemd, maar ook weer heel fijn.

Er vertrekken steeds meer boten. Een gedeelte daarvan is nu onderweg naar Europa, naar huis. Een ander deel is hard bezig om vaste plekken te vinden en te bereiken om tijdens het gehele orkaanseizoen te liggen. Vele landen blijven nog dicht of hebben een quarantaine periode in een hotel, weg van je boot, op eigen kosten. Wij wachten het nog af. Eerst de knie, dan de volgende stap.

> Jur komt nog in de hangmat. We hebben het helemaal niet slecht.

Afwachten in een stilstaande wereld

Er is eigenlijk niks veranderd. De regels zijn hetzelfde, Martinique volgt nog steeds de aanpak van grote zus Frankrijk. Terwijl ik de laptop op schoot schuif, twijfel ik of ik wel echt wat te schrijven heb. De wind giert door de ankerbaai en om het half uur komt er een hele korte bui over ons heen. Deze onrust is precies wat ik afgelopen dagen voelde. Suus en ik zaten er samen niet zo lekker in, we waren snel geïrriteerd. Al 2 weken waait het fantastisch en elke minuut word ik er aan herinnerd dat we niet mogen kitesurfen en opgesloten zitten op onze boot. Ik wilde het gevoel niet toelaten dat het ook wel echt balen was. We hebben toch niks te klagen, we liggen in Martinique, blauw water, prachtig weer, het kan echt veel erger. Tegelijk is het gewoon echt balen, we hadden dit heel anders voor ons gezien. Toen ik dit toeliet merkte ik dat het mij rust gaf. We klagen niet, maar ja, het is ook gewoon wel balen zo.

Samen met Olivier van de Galena hebben we een wrak gevonden waar wat vis te zien is. Met het slechte zicht lukt het ons beide toch om een vis te vangen met onze harpoenen. Het is ongelooflijk wat een mooi schip het lijkt te zijn. Als je door de luiken naar binnen probeert te kijken ziet het er helemaal zwart uit van binnen. Het lijkt wel alsof er brand is geweest in het schip. We zien nog verschillende grote lieren op het wrak zitten. Als we de tweede dag weer duiken en beide niks schieten, besluiten we de grootste lier op te duiken. Vol met aangroei en modder belandt hij op ons achterdek. Na een middag poetsen, krabben en weer invetten hebben we hem gewoon weer aan de praat. Hij ratelt als nieuw en we worden er helemaal enthousiast van. De volgende dag duiken we nog 4 lieren op.

< Na de lier opgedoken te hebben liften we hem hem op. Zo kunnen we hem zo goed mogelijk schoonmaken voordat we hem op het dek tillen. Gelukkig lukt het om genoeg afstand te behouden tijdens het schoonmaken. 

“Er ligt een generator in het bootje” zeg ik blij tegen Suus als ik haar weer opzoek in het washok. We zijn aan wal, de was en een kleine boodschap aan het doen. Als ik het afval weggooi en Suus de eerste lading was er in gooit, komt er net een pick-up truck aanrijden van een jacht reparateur. Ze zetten een draagbare generator neer. Hij werkt niet, zeggen ze, maar als ik vraag of ze hem goed gecheckt hebben beantwoorden ze met “nee”. Ik liep terug naar de wasmachines, maar ik draai me toch weer om. 33 kilo rol ik ons bijbootje in voordat ik weer terug loop naar Suus. Als de was klaar is en we 1 droger aanzetten omdat het zo hard waait (te hard, we zijn al een paar handdoeken en een onderlaken verloren in het water), besluiten we naar de supermarkt te lopen en een ijsje te halen. Terwijl we wachten op de droger zetten we onszelf op een verlaten terras. “Het voelt creepy”. “Ja, maar tegelijk eigenlijk ook wel lekker toch?”.

Thuis aangekomen heb ik binnen no-time de motor van generator aan de praat, maar helaas geeft hij nog geen stroom. Er lijkt een ringtransformator kapot, een uitzoekklus om daar de nieuwe van te vinden de komende tijd. De tweede dag komt Olivier van de Galena me gezelschap houden en we renoveren de 2e grote lier die we eerder op hadden gedoken. Eens kijken of we wat kunnen verdienen met dit setje.

> Bij het afval vind ik een draagbare generator. Na een korte tijd heb ik de motor aan de praat. Helaas geeft hij nog nauwelijks stroom af. Maar als hij het doet willen we misschien toch zelf een goedkope watermaker gaan maken… We vinden ook altijd weer nieuwe klussen :).

^ Suus maakt met de geleende machine een hele dag alle naaiklussen af. Allemaal kleine klusjes die geen prio hadden houden ons elke dag weer bezig. 

Tegelijk ronden we veel klussen op de kluslijst af. Ik installeer spotlights onder de zonnepanelen waardoor we verlichting hebben op het zwemplateau. De achterkant van de boot is ook de plek waar we aankomen met de bijboot. Het is echt luxe nu om in het donker aan te komen varen met licht. Een nieuwe felle schijnwerper achterop kan de boot helemaal verlichten als we midden in de nacht iets moeten doen. Ik installeer ook gelijk een aansluiting om een eventueel nieuw ankerlicht te installeren. Als we voor anker liggen hebben we op dit moment bovenin de mast een wit rondschijnend licht om zichtbaar te zijn. We merken echter dat als we rondvaren in de bijboot, je niet altijd omhoog kijkt. Daardoor kan je wel eens over het hoofd gezien worden. We willen daarom graag in de toekomst een rondschijnend wit licht laag ophangen. Nu hebben we alles alvast klaar en aangesloten op de panelen binnen, zodat we hem alleen hoeven op te hangen. We hebben ook een draft gemaakt voor een nieuw zonnedek, Suus heeft alle kussens gerepareerd en alle naai klusjes afgerond met een geleende naaimachine van zeilboot Karma. Ook heeft ze de hele voorpunt opnieuw ingericht waardoor de boot echt helemaal netjes ingericht is. Ongelooflijk soms om te bedenken hoe de boot er 2 jaar geleden uit zag. 

Tegelijk heeft Suus nog een nieuw project verkocht, en ben ik in gesprek over een project bij een grote website waarop ze zeilboten in de Carieb verhuren. Ons plan om wat langer het orkaanseizoen door te brengen op Curaçao was voornamelijk ingegeven doordat ik graag nog een klus doe bij een bedrijf op kantoor zelf. Op afstand werken vind ik minder leuk. Echter lijkt dat in Curaçao lastig te worden ivm de economische situatie daar en de verwachting daarvan de komende tijd. Helaas, maar dat geeft wel weer extra vrijheid. We kunnen naast de ABC eilanden bijvoorbeeld ook naar Tobago, Trinidad, Colombia, Panama, Suriname of Frans Guyana voor het orkaanseizoen. Als we internet regelen, kunnen we op afstand blijven werken. Het is afwachten of er nog andere opties ontstaan de komende tijd. Mogen we binnenkort hier weer vrij bewegen, en kiten? Gaan er geleidelijk grenzen open zodat we ook tussen de eilanden mogen bewegen? Of moeten we dan altijd 14 dagen in quarantaine? En is ons originele plan om in fggvgtvebruari 2021 door het Panamakanaal te gaan wel haalbaar? Er is zoveel onduidelijk voor iedereen in deze tijd. Net zoals iedereen gaan we het zien…

Rondje om de boot

Ik duik het water in. Het is tijd voor beweging en op de boot vinden we niet genoeg ruimte om oms eens echt even goed in het zweet te werken. 20 rondjes om de boot zwemmen is ons idee vandaag. Suus zwemt net voor me, terwijl ik weer de ankerketting passeer. Het waait hard, dus tegen de wind in is het proesten geblazen. Ik ben toch echt niet gemaakt voor zwemmen, realiseer ik me terwijl ik met rode ogen en zoute longen de boot weer opkrabbel.

Na meer dan twee weken in lock-down te zitten, begint de irritatie wel op te spelen. Het niet van de boot af mogen is zo anders dan normaal! We kunnen minder op avontuur, dat missen we. Martinique is steeds strenger geworden en je hoort meer over boetes. Tot nu toe is elke gendarmerie en douane die we zien hartstikke aardig, maar we houden ons zo goed mogelijk aan de regels. We willen ons als gasten in dit land van onze beste kant laten zien. En als gast in dit land hebben we het niet slecht. De Franse kaasjes en het stokbrood is nog steeds erg goed verkrijgbaar en we genieten van lekkere borrels. Maar soms ben je gewoon uitgepraat en geborreld, en wil je even tijd voor jezelf. Ik heb wel eens een half uur gesnorkeld naast de boot terwijl het zicht ongeveer 40 cm is, net genoeg om mijn handen te zien bewegen, gewoon om even van elkaar weg te zijn. Suus heeft de voorhut helemaal opgeruimd en gepimpt zodat ze zich soms even van mij kan afzonderen. We worden creatief om toch soms even alleen te kunnen zijn. En dat helpt. Bovendien leren we veel van- en over elkaar!

Als ik terug kom lopen van de douches, zie ik Suus enorm bedroefd staan. We hebben hardgelopen samen en daarna heerlijk gedouched in de haven. Wat een fijne luxe, even een echte douche. Als ik dichterbij kom hoor ik een zacht “mijn telefoon ligt in het water”. Terwijl ze een ander bootje weg duwde om wat ruimte te maken voor ons vertrek, viel de telefoon van Suus uit haar zak. De zon is net onder en we kijken elkaar aan. Het water ziet er vies en niet helder uit, maar toch besluiten we terug te scheuren naar de boot om flippers, lamp en bril te halen. Het zicht blijkt 30 centimeter en op 3 meter diepte bestaat de bodem uit hele zachte modder. In het pikkedonker naar beneden duiken voelt erg onnatuurlijk, omdat er schuin boven me ook een steiger ligt. Ik ben bang dat ik dan net daar naar boven kom. Deze angst komt mijn tijd onder water ook niet ten goede dus in alle haast en spanning zie ik helemaal niks in het begin. Naarmate ik vaker duik, komt de rust terug en begin ik de bodem te bevoelen. Steeds meer zand stuift daardoor op, waardoor het zicht nog minder wordt. Als ik na 40 minuten duiken boven kom, geef ik het op. We varen terug en gaan even langs Pitou om de geleende zaklamp terug te brengen. Machiel geeft aan dat hij wel een duikfles heeft met een slang van 15 meter te leen heeft. Wat onwijs aardig! Ik kijk Suus aan. “Laten we dat morgen ochtend maar proberen, als we in ieder geval je simkaart hebben is dat al super”. Suus knikt, “ik zat al te denken, inloggen op digiD en dat soort dingen kan niet zonder, en hoe krijg ik inderdaad een NL simkaart hier naartoe”.

De volgende ochtend gaan we met fles en duik spullen terug naar de plek des onheils. Het zicht blijkt ook overdag minimaa en op de tast kam ik de bodem af. “Lief, als ik hem vind en hij doet het nog, denk ik dat het wel een goedkeuring is om duikspullen te kopen toch?” vraag ik gekscherend aan Suus vlak voordat ik onderduik. Na 15 minuten onder water vind ik hem. We hebben in ieder geval de simkaart!

Stiekem vaar ik de volgende dag een klein stukje naar een groot vrachtschip dat in onze baai ligt. Het is een vrachtschip dat jachten kan verschepen. Dat klinkt als een soort typefout, maar het is een enorm vrachtschip dat zichzelf kan laten zakken in het water. Door water in de balasttanks te laten lopen, zakt het dek onder water en kunnen er kleinere boten in/op varen. ‘Kleinere boten’ is relatief, want er liggen enorme boten in. De mooiste, tevens de reden waarom ik er naartoe vaar, is de SVEA. Een J-klasse zeilschip. Naar mijn idee het mooiste type zeilschip dat er bestaat. Ze zou in Antique aan zeilraces meedoen, maar wordt nu naar huis verscheept omdat er geen races gevaren meer gaan worden dit jaar.

Vanochtend hebben we te horen gekregen dat op dit moment Curaçao ons niet gaat toelaten. Het orkaanseizoen is er nog niet en ze vinden het te vroeg om nu boten te gaan toelaten. Een terechte afweging naar mijn idee en we wachten af. We hebben echt het gevoel dat we nu ook goed liggen. De burgemeesters schijnen een akkoord te hebben om af te mogen wijken van Franse regels. Terwijl de Amerikanen het gevoel hebben dat dat wel eens kan betekenen dat ze het land uitgezet gaan worden, heb ik het vertrouwen dat dat betekent dat Martinique soepeler met de regels om kan gaan als het virus hier beter onder controle lijkt dan in Frankrijk. Tegelijkertijd is er wel een curfew ingesteld, een avondklok. We gaan het zien, de lockdown zal sowieso tot 16 april duren, we wachten het gewoon af.

We hebben een groentetuintje!

De dagen beginnen in elkaar te versmelten. De sociale contacten bestaan grotendeels uit een bezoekje waarbij we in de bijboot blijven zitten. En verder gaan de dagen verdomd snel. Onwaarschijnlijk hoe een klusje, even werken, snel boodschapje doen en koken je van 8 uur ‘s ochtends in een keer naar 8 uur ‘s avonds kan brengen. Als ik tijdens zonsondergang richting de haven SUP om de Kobbe even een kort bezoekje te brengen hoor je bijna niks in de baai. Het is een prachtig gezicht als de wind ook helemaal ingezakt is als ik terug vaar. De rust lijkt alleen doorbroken te worden door de regelmatige paddle die ik in het water steek. Heel af en toe “Bonsoir” ik een boot waar mensen buiten zitten maar de lock-down rust is duidelijk.

^ Met de bijboot mogen we nog wel bewegen. Even buurten bij een andere boot betekent toch vaak in de bijboot blijven zitten.

Helaas krijgen we via verschillende kanalen ook andere verhalen te horen. In Curaçao mag een Noorse boot niet inklaren en wordt zelfs gedreigd om weggesleept te worden. In Jamaica is een schip die geweigerd is, zelfs los gesneden van zijn mooring (de boei waar hij aan lag). Er gaan ook verhalen rond dat er op een ander eiland bijbootjes lek worden gestoken door lokale mensen omdat ze bang zijn dat zeilers het virus brengt. Het zijn spannende en beangstigende verhalen maar het lijken nog incidenten die niet algemeen zijn. We horen ook veel verhalen van rust en gemeenschapszin maar tegelijkertijd moeten we ons ook realiseren dat we als “cruiser” niet ons hele schip gaan volladen voor 3 maanden op eilanden waar maar 1 supermarktje is voor de gehele bevolking. Het sterkt ons wel in de keuze die wij gemaakt hebben om zo snel mogelijk naar Martinique te gaan. 

“Yeeeees, de eerste twee plantjes zijn er!” Suus komt stralend van trots binnen met een bakje aarde. “Wat cool” zeg ik terwijl ik nog een beetje vertwijfeld in de bak kijk. “Jaa ik zie ze, maar heb je een vergrootglas?”. Twee mini blaadjes steken hun kopje boven het zand uit. Het groentetuintje van Suus begint vorm aan te nemen. Overal staan bakjes met aarde, sommige gevuld met stekjes van de planten die we hadden aan boord, de citroenmelisse die we nog op Union Island geplukt hadden of zaadjes van koriander, basilicum, tijm, rozemarijn of rucola. We hebben inmiddels ook 230 volt op de contactdozen staan aan boord. De omvormer die ik ingebouwd heb in Tenerife had nog geen verbinding met de contactdozen. De tandenborstels en het epileerapparaat werden altijd in of naast het motorhok gebruikt. Aangezien we hier zoveel mogelijk gas willen besparen, en daarom de waterkoker echt zijn gaan gebruiken, kwam de noodzaak door alle verlengsnoeren waar we over struikelde hoger te liggen. Flink wat meters draden doortrekken verder hebben we nu op een contactdoos onder de bank, in de bun, in het motorhok en in de nieuwe prachtige ingebouwde contactdozen in de keuken gewoon 230 volt! Het voelt als een enorme luxe.

Even technisch:

Het omschakelkastje zorgt er nu voor dat de contactdozen door de omvormer of de walstroom gevoed kunnen worden. De walstroom zit bij ons op de prioriteit ingang waardoor dit kastje zorgt dat het boordnet gevoed wordt door de walstroom als die er is. En voorkomt daarmee dat je omvormer getoast wordt als je vergeet deze uit te zetten als je walstroom in plugt. (zie https://www.4campers.nl/installatie-materiaal/229-omschakelautomaat-tussen-omvormer-en-de-paal.html )

“We are going to do a breathing exercise. It is called breathing in squares”. Suus praat in de marifoon terwijl ik op bed lig te luisteren. Wat ben ik trots op haar. De dag daarvoor plaatste ze het idee op de Facebook groep van Martinique Cruisers. In deze tijd van verwarring en onduidelijkheid blijken veel mensen enthousiast over een ontspanning en ademhaling oefening. En nu heeft ze een uitzending. Helaas is het technisch nog niet helemaal goed gegaan waardoor veel mensen maar een gedeelte van de uitzending te horen hebben gekregen. Gelukkig heeft ze het ook opgenomen en is het via deze link terug te luisteren. Wie had ooit gedacht dat we ons eigen  PODCAST kanaal zouden beginnen:

https://anchor.fm/yndeleau/episodes/ep-ebro00/23-03-2020-VHF-relax-a1onubu

< Alle tijd om brood te bakken en te experimenteren met ingrediënten. Hier een versie met ui, kaas en chorizo. 

Update over de motor: 

Ik zou het bijna vergeten. De motor doet het weer helemaal naar behoren. Bij vertrek voor onze grote oversteek maar ook bij aankomst gaf deze enorme problemen. Hij werd veels te warm. Het bleek al snel een probleem in het koelsysteem en dan specifiek in de circulatie van de koelvloeistof. Het was weer een hele leerschool maar ik zal proberen uit te leggen wat ik geleerd heb over de werking en daarmee ook het probleem lijkt te hebben gelocaliseerd: Onze dieselmotor is watergekoelt. Dat betekent dat het buitenwater, het zeewater, wordt opgepompt en door een warmtewisselaar heen gaat. Deze warmtewisselaar koelt de koelvloeistof die dan weer door de motor wordt gepompt en koelt daarmee het blok. Als dit echter altijd op deze manier zou gaan zoals hierboven beschreven dan is je motor in zeewater van 28 graden een andere temperatuur dan in zeewater van 5 graden. En zal hij ook moeilijk op 1 temperatuur komen en blijven. Bouwers van motors geven altijd een ideale werktemperatuur af en daar moet je proberen de motor op te krijgen en te houden. Daarom is er een thermostaat ingebouwd. Wie ons heeft gevolgd weet waarschijnlijk al dat de motor is ingebouwd zonder een thermostaat. Helaas wist ik er op dat moment nog niks vanaf maar nadat ik daarachter kwam heb ik deze in Tenerife ingebouwd. Deze heeft 1 simpele beweging. Open als het te warm is, en sluiten als het te koud is. De koelvloeistof wordt dan niet altijd gekoeld door het buitenwater maar alleen als de motor te warm dreigt te worden, gaat de thermostaat open, en zal de koelvloeistof weer gekoeld worden door het buitenwater. Zo blijft onze motor altijd rond de 82 graden. Behalve als er iets mis gaat…

De monteur die de motor heeft ingebouwd heeft ook een bypass gebouwd om de motor aan te sluiten op de boiler. Hiermee zou je er voor kunnen zorgen dat je het warme koelvloeistof ook door de boiler kan laten stromen. Hiermee koel je je koelvloeistof alweer een beetje en verwarm je de boiler. Hij is alleen zo aangesloten dat ik hem niet op mijn boiler kan aansluiten en nu het grote probleem: Deze bypass ontlucht heel slecht. De circulatie bleek na 24 uur niet varen niet te werken een luchtbel leek het probleem. Als ik hem weer ontluchten deed hij het weer goed. Een tijdje hebben we zo gevaren, elke keer ontluchten en dan deed hij het weer. Na alles uitgesloten te hebben lijken het nu een verbinding te zijn van deze bypass die ik nu luchtdicht heb gemaakt met rubber tape. We hebben nu geen problemen meer en als dit definitief de oplossing blijkt gaan we een betere blijvende oplossing maken. Voor nu lijkt het zo goed te gaan!